Machu Picchu Sacred Valley Cusco Arequipa Lima
terugreis regenwoud Yamakai-entsa heenreis regenwoud


Peru 2005



Inhoud


Aanleiding

Tijdens een toevallig gezamenlijk bezoek aan Spanje spoort Juan Cuquerella (a.k.a. tio (oom) Quique, a.k.a. padre (pater) Juan, a.k.a. padre Cuque) Mari en mij aan toch vooral eens naar Peru te komen. Hij woont en werkt er al 40 jaar en wil het ons graag laten zien omdat 'ie het zelf zo'n prachtig land vindt.

reisgidsenOmdat we onze vakanties tot dan toe beperkt hebben tot binnen Europa en we toch ook wel benieuwd zijn hoe het er daarbuiten uitziet, besluiten we in 2003 om gevolg te geven aan de aansporingen van tio Quique en beginnen we met de voorbereidingen. Vrienden van ons hadden enkele jaren daarvoor al eens (tevergeefs) plannen gemaakt om naar Peru te gaan en andere vrienden waren er al geweest. Het duurt dan ook niet lang of we hebben een exemplaar van de Lonely Planet: Peru en van Insight Guides: Peru te pakken. Naast de informatie uit deze boeken vinden we natuurlijk ook op internet veel informatie.

Omdat we maar drie weken in Peru kunnen zijn, willen we de vakantie van tevoren goed plannen. Ons lijstje met reisdoelen bevat in eerste instantie Arequipa/Colca Canyon, Cusco/Machu Picchu en Puno/Lago Titicaca (in oplopende hoogte). Tijdens het uitwerken van de plannen wijzigt dat lijstje eigenlijk nauwelijks meer.

Tio Quique is zo'n 35 jaar geleden nauw betrokken bij het opzetten van de school Colegio Valentín Salegui in Yamakai-entsa langs de rivier río Marañón in het regenwoud in het noorden van Peru en is er na vele jaren les te hebben gegeven altijd nauw bij betrokken gebleven. Omdat hij er al enkele jaren niet meer geweest is, lijkt het hem erg leuk om daar met ons heen te gaan. Uiteraard willen we deze buitenkans om het regenwoud te kunnen ervaren met beide handen aangrijpen. Het feit dat deze school zich ver van alle toeristische gebieden vandaan bevindt maakt het alleen maar avontuurlijker en wat ons betreft dus nog aantrekkelijker.

Aanvankelijk is het onze bedoeling in 2004 naar Peru te gaan, maar door een ongelukkige samenloop van persoonlijke omstandigheden en de seizoenen in Peru wordt het uiteindelijk 2005. Na bestudering van de informatie en ruggespraak met tio Quique besluiten we om in mei te gaan, dat is namelijk de maand tussen het regen- en het toeristenseizoen in.


Voorbereiding

De trip naar het regenwoud zal ongeveer een week in beslag nemen, dus voor de overige reisdoelen blijven nog twee weken over. Bij het zoeken op internet naar mogelijkheden hotels en binnenlands vervoer alvast te bespreken en/of reserveren stuiten we op de website van PeruOnline. Zij lijken precies te bieden wat wij zoeken: je stelt via 'bouwstenen' je eigen reis samen en zij regelen het vervoer en de hotels. Daarnaast bieden ze een aantal standaard rondreizen, welke je overigens individueel – niet in groepsverband – aflegt. De rondreis Piscos en posadas sluit precies aan op onze wensen, dus die boeken we.

uitrustingIn een deel van Peru is het verplicht ingeënt te zijn tegen gele koorts, bovendien gaan we naar het regenwoud waar ook de malariamug zich ophoudt, dus maken we een afspraak bij de GGD. Daar krijgen we diverse injecties: gele koorts, hepatitis A, herhaling DTP en een recept voor malariatabletten.

Vervolgens brengen we een bezoekje aan de buitensportwinkel voor geïmpregneerde klamboes, insectenwerend middel met DEET, lakenzakken (slaapzakken zijn veel te warm in de jungle), ORS (tegen uitdroging en om de suikers en zouten op peil te houden bij overmatig vochtverlies), loperamide (stopmiddel voor noodgevallen) en moneybelts.

Omdat voor mobiele telefonie in Peru de 1900Mhz-band gebruikt wordt en mijn telefoon die niet ondersteunt, reserveer ik bij Telecom Rentcenter een telefoon die dat wel doet. Hoewel de dame die mij na de internet-aanvraag hierover terugbelt aangeeft dat de telefoon het mogelijk alleen in Lima zal doen, ben ik er na een onderzoekje op internet van overtuigd dat 'ie het in alle grotere steden van Peru zal doen. Uiteindelijk blijkt dat ik inderdaad overal bereik heb, behalve – zoals verwacht – in het regenwoud.

Om vooral veel foto's te kunnen maken verzamel ik alle Compact Flash kaartjes die m'n collega's kunnen missen. Ook maak ik prints van de sterrenhemels in Lima en Arequipa, in de hoop de sterrenbeelden van de zuidelijke hemel te kunnen vinden – omdat Peru zo dicht bij de evenaar ligt is het er om zeven uur donker, tijd genoeg dus.

Naar aanleiding van een tip die we gelezen hebben maken we foto's van paspoorten, verzekeringspapieren en enkele andere belangrijke documenten en zetten die in een mailbox die we via internet kunnen benaderen. Mochten de documenten gestolen worden, dan kunnen we op deze wijze in ieder geval nog aan kopieën komen.

Bij het inpakken twijfelen we tussen het gebruik van de (geleende) rugzakken en de koffers (met wieltjes). Uiteindelijk kiezen we toch maar voor de koffers en daar hebben we achteraf geen spijt van. Over het algemeen is het toch makkelijker een koffer op wieltjes te vervoeren dan een zware rugzak, behalve die ene keer dat we door wat los grind moeten ploegen en wat trappen omhoog moeten (in Aguas Calientes).


Vrijdag 29-4-2005 (Haarlem/Amsterdam/Bonaire/Lima)

We staan om zeven uur op en nemen de Zuidtangent van kwart voor acht van Haarlem naar Schiphol. Hoewel het bij het inchecken op het eerste gezicht een grote chaos lijkt, valt het uiteindelijk nog redelijk mee. De terminals voor het elektronisch inchecken staan nogal dicht op elkaar zonder duidelijke rijen ervoor, dit geeft een nogal chaotische aanblik. Overigens moesten we na het inchecken alsnog in de rij staan voor het afgeven van de bagage...

Vervolgens weer helemaal terug naar de grote hal om de gereserveerde telefoon af te halen. Het zou handiger geweest zijn als we dat eerst gedaan hadden, maar we wilden liever zo snel mogelijk inchecken. Geen wachtenden bij het Rentcenter, dus dat is relatief snel geregeld. Wel is er wat verwarring over de juiste adapter voor het opladen. Uiteindelijk krijg ik er eentje mee die in de praktijk inderdaad niet blijkt te werken... Gelukkig heb ik een adapter kunnen lenen van een andere reiziger.

Weer terug naar de incheckbalies, achteraan aansluiten bij de paspoortcontrole en vervolgens door naar de detectiepoortjes en controle van de handbagage. Als we hier uiteindelijk ook door zijn meteen maar door naar de gate. Half elf stappen we in en even na elf uur vertrekken we. Helaas zitten we op de meest ongunstige plekken: de middelste twee stoelen van de middelste rij van vier stoelen breed (links is er nog een rij van twee en rechts een rij van drie stoelen breed).vluchtinformatie

Na zo'n tien uur, drie kranten, twee films, twee maaltijden en het doorstaan van vele soorten zweetlucht en jengelende kinderen landen we op het snikhete Bonaire (ruim 30 graden), alwaar we een tussenstop van ongeveer een uur maken. Gelukkig is de wachtruimte gekoeld. Vlak voor de landing zijn er invulformuliertjes van de immigratiedienst van Peru uitgedeeld, die kunnen we nu mooi even invullen. Niet dat we van plan zijn in Peru te blijven wonen, maar dat is nu eenmaal verplicht als je Peru binnen komt.

In een kleine vier uur vliegen we vervolgens van Bonaire naar Lima met een verse crew, die zich tegen het einde van de reis tooit met allerhande oranje-versierselen: in Nederland is immers Koninginnedag inmiddels aangebroken...Hotel Antigua Miraflores
Na de landing in Lima kan het lange wachten beginnen: de paspoortcontrole, de immigratiedienst, de detectiepoortjes en handbagagescan. Voordeel is wel dat wanneer we eindelijk aan de koffers toe zijn, deze al op ons liggen te wachten.

Tio Quique wacht ons op en brengt ons naar het eerste hotel: Antigua Miraflores, een mooi koloniaal huis in de wijk Miraflores. Hoewel Miraflores een rustige wijk is, ligt het hotel aan een relatief drukke straat. Onze kamer bevindt zich op de bovenste verdieping aan de straatkant. De kamer is erg ruim en ingericht met koloniale meubels. De tv heeft satelliet-ontvangst, maar we hebben geen tijd gehad om 'm uit te proberen. Wat het nachtelijk straatrumoer betreft: de meegenomen oordoppen bewijzen ons goede diensten.


Zaterdag 30-4-2005 (Lima)

Om drie uur 's nachts zijn we beiden weer klaarwakker: jetlag... Omdat dit nog wel erg vroeg is doen we ons best om toch nog maar even verder te slapen tot het een uur of zeven is.

Eigenlijk hebben we vandaag een taxirit door Lima, omdat deze bij de rondreis van PeruOnline inbegrepen is. Deze zeggen we echter af omdat tio Quique ons aanbiedt Lima samen met hem te verkennen.

San PedroNegen uur haalt hij ons op en rijden we om te beginnen naar een uitzichtpunt op een klif aan de kust. Daarna neemt hij ons mee naar het hoofdkantoor van de stichting Fe y Alegría, alwaar hij directeur is en leidt ons rond. Hierna zetten we koers naar het centrum van Lima en parkeren we de auto op een Playa – in Spanje betekent dit 'strand', maar in Peru staat het voor 'parkeerplaats'. Na een wandelingetje over de Plaza de Armas, gaan we de jezuïetenkerk San Pedro van binnen bekijken. Omdat tio Quique hier geen vreemde is, mogen we erin op een tijdstip waarop de kerk gesloten is voor toeristen.

Het loopt inmiddels tegen enen, dus we besluiten te gaan eten. En nu we toch in Peru zijn en bovendien aan de kust moeten we natuurlijk aan het nationale gerecht: ceviche (rauwe vis, uien en pepertjes gemarineerd in citroensap), gevolgd door een heerlijke gebakken tong. Vooraf drinken we de nationale cocktail: pisco sour (druivenlikeur met citroensap, eiwit en suiker).

We zijn blij dat we hier even rustig kunnen zitten. Het verkeer in Lima, en naar later blijkt in heel Peru, is namelijk een grote chaos. Iedereen toetert om het hardst, van voorsorteren hebben ze nog nooit gehoord en van voorrang geven al helemaal niet. Volgens tio Quique is er slechts één verkeersregel: Als je tegen het verkeer in rijdt, doe dat dan heel voorzichtig. Tijdens de nachtelijke ritten valt bovendien op dat iedereen weliswaar z'n lichten aan doet, maar lampen die stuk zijn worden natuurlijk niet vervangen, je hebt toch een claxon?

Verder vertelt tio Quique ons dat het in Lima bijna altijd bewolkt is, maar vrijwel nooit regent. We hebben geluk: de dagen dat wij in Lima zijn is het redelijk zonnig.
obelisk in Museo Nacional Lima
Na het eten besteden we de middag, ter voorbereiding op de verdere reis, in het Museo de la Nacion. Dit interessante museum bevindt zich in een afzichtelijke betonnen kolos en bevat keramiek, gereedschappen, wapens, schilderingen, beeldhouwwerk, textiel, etc. van de diverse Inca-culturen die Peru rijk geweest is. Ook staan er maquettes van enkele interessante archeologische sites, onder andere van de Nasca Lines en van Machu Picchu.

's Avonds neemt tio Quique ons eerst mee naar een straatje dat naar een uitzichtpunt over de zee voert. Tijdens onze wandeling worden we voortdurend aangeklampt door jongens die willen dat we in hun restaurant komen eten, onze eerste maar helaas zeker niet laatste ervaring met dit verschijnsel. Jammer genoeg komen we net te laat voor de zonsondergang. Na teruggewandeld te zijn naar de auto, neemt hij ons mee naar Centro Comercial Larco-Mar, een zeer Amerikaans aandoend winkelcentrum. Bij de aaneenschakeling van speelhallen en fastfood-restaurants hangen vooral veel jongeren rond. Opvallend zijn de massagestoelen die je her en der tegenkomt met masseuses ernaast en af en toe een gewillig slachtoffer in de stoel. In een van de restaurantjes van het winkelcentrum – Cafe Cafe – eten we een sandwich en mini-pizza.

Omdat we alweer aardig zitten te gapen – zal de jetlag wel zijn – maken we het niet te laat en brengt tio Quique ons terug naar het hotel. Het hotel heeft voor de gasten twee computers met internet beschikbaar, dus we kunnen het thuisfront direct laten weten dat de reis voorspoedig is verlopen, dat we goed aangekomen zijn en alweer van alles gedaan hebben.


Zondag 1-5-2005 (Lima/Arequipa)

Na een heerlijk ontbijt met sinaasappel- en papayasap, vers fruit (voornamelijk meloen en papaya), roerei, broodjes met jam en lekkere koffie (een uitzondering zal later blijken) pakken we de koffers want vandaag vliegen we naar Arequipa. Omdat we pas om half elf op het vliegveld hoeven te zijn hebben we alle tijd om het mooi ingerichte koloniale huis waarin het hotel is gesitueerd eens goed te bekijken. De meubels zien er in ieder geval erg koloniaal uit, ook zijn er allerlei ouderwetse huishoudelijke voorwerpen neergezet en enkele van deze voorwerpen zijn verwerkt tot lamp.

Canyons gezien vanuit het vliegtuigKwart over tien worden we opgehaald en naar het vliegveld gebracht. Bij de binnenlandse vluchten – die uitgevoerd worden door LAN Peru – gaan het inchecken, het betalen van de luchthavenbelasting en de daarop volgende controles redelijk snel. De vlucht van Lima naar Arequipa duurt ongeveer anderhalf uur. Tijdens alle vluchten van LAN Peru krijgen we een bakje met vers fruit, een klef broodje met ham en kaas in zilverfolie en een stukje cake. Tijdens de vluchten worden Canadese bananasplit-achtige filmpjes vertoond.

Tijdens de vlucht heb ik het geluk naast het raampje te zitten en meen ik een van de langere Nasca-lijnen te zien, maar het kan ook zijn dat de wens hier de vader van de gedachte was. De diverse canyons zijn in ieder geval wel goed te zien.

Na de landing en het inchecken bij hotel La Casa de Melgar hebben we nog genoeg tijd voor een eerste verkenning van Arequipa. Het eerste wat ons opvalt is dat de straten gevuld zijn met mini-taxi's, Deawoo Tico's om precies te zijn, particuliere automobilisten zien we nauwelijks. Vervoer binnen het centrum met zo'n taxi kost standaard 2,5 sol – een euro doet ruim vier sol.Plaza de Armas Arequipa

Als we voor het eerst op de Plaza de Armas komen lijkt het alsof iedereen staat te wachten op een of andere belangwekkende gebeurtenis. Dit wordt nog versterkt door het feit dat het hele plein afgesloten is voor het verkeer. We besluiten zelf dus ook maar even te wachten op wat komen gaat. Na een half uurtje krijgen we de indruk dat men niet zozeer staat te wachten op een gebeurtenis, maar dat dit de manier is waarop men hier de zondagmiddag doorbrengt. Navraag leert inderdaad dat er niets bijzonders te gebeuren staat...

Omdat we vandaag een verjaardag te vieren hebben gaan we op zoek naar een koffietentje met taart. We hoeven niet lang te zoeken: op de hoek van de Plaza de Armas, tegenover de Iglesia de la Compañia, staat de chocoladetaart al te lonken in de etalage. Na deze traktatie bezichtigen we de kathedraal, waarna we terug gaan naar het hotel. De kamer is groot, donker en kil en heeft tv met satellietontvangst. De bedden zijn niet zo comfortabel, vooral de kussens zijn erg hard.

's Avonds besluiten we om een ander nationaal gerecht te eten: cuy, ofwel cavia! Hiertoe gaan we naar Ary Quepay, een fleurig aangekleed restaurant met veel planten, parkieten (in kooitjes) en live muziek. Wat ons opvalt is dat de serveersters allemaal een walkie-talkie aan hun riem hebben hangen waardoor de baas hun commando's geeft en continu heen en weer laat rennen. Als de cavia wordt opgediend is het even schrikken, want het beest is nog redelijk herkenbaar. De kop met ogen en tanden zit er gewoon nog aan en de pootjes steken aan vier kanten over de rand van het bord. De smaak doet ons nog het meeste aan kip denken, de vele botjes trouwens ook. Het vel is echter dik en hard en hebben we niet opgegeten. Uiteraard werd de cuy vergezeld door Arequipeña, het lokale bier.


Maandag 2-5-2005 (Arequipa)

Na 's nachts enkele keren wakker geweest te zijn, niet alleen van de jetlag, maar ook van een dreunende centrifuge of iets dergelijks, voelen mijn darmen 's morgens niet helemaal zoals ik gewend ben. Ik besluit het voorlopig maar even te negeren, misschien gaat het wel over. Tijdens het karige ontbijt maken we kennis met Peter Kuijt van Lama Tours. Het verblijf in Arequipa en de Colca Canyon wordt door zijn kantoor verzorgd. We willen die dag naar Juanita, Recoleta en Santa Catalina en hij raadt ons aan te beginnen met Recoleta, dan Juanita en in de namiddag Santa Catalina te doen.

RecoletaWe nemen dus de taxi naar Recoleta, een in een voormalig klooster – eigenlijk convent – gevestigde verzameling kleine musea over van alles en nog wat, zoals Inca-voorwerpen, mummies, dieren uit het Amazonegebied, 19e eeuwse foto's van Arequipa na een aardbeving, etc. Na via diverse gangen en pleintjes alle zaaltjes bezocht te hebben mogen we onder begeleiding de op de eerste verdieping gelegen indrukwekkende bibliotheek zien en bekijken we lopend over de hevig krakende vloer de eeuwenoude boeken, atlassen en landkaarten.

Hierna pakken we een taxi terug naar het centrum en gaan we naar het Museo Santuarios Andinos. Dit museum draait geheel om de goed geconserveerde Inca-mummie van een jong meisje genaamd Juanita, die men in 1995 gevonden heeft op de vulkaan Ampato. Van alle musea in Arequipa vonden we dit veruit het indrukwekkendst. Eerst krijgen we een video van National Geographic te zien over de vondst van de mummie. Vervolgens worden we persoonlijk rondgeleid langs allerlei voorwerpen die men gevonden heeft bij de diverse mummies van geofferde kinderen. Hierbij krijgen we een uitgebreide uitleg van de betekenis van deze voorwerpen en de uitgevoerde rituelen. Het bezoek culmineert in de laatste kamer alwaar Juanita in een glazen vrieskist van alle kanten te bewonderen is.

Nadien mogen we zelf bepalen wat we onze gids willen betalen. Het is de eerste, maar zeker niet de laatste keer dat we met dit fenomeen geconfronteerd worden. Over het algemeen geven we 10 tot 20 sol: zo'n 10 sol per uur.

Na wat gegeten te hebben, beginnen m'n darmen toch weer op te spelen en gaan we terug naar het hotel. Helaas gaan de krampen niet over en na een toiletbezoek is de prognose helder en moet het eerste zakje ORS eraan geloven (smaakt naar gezoet brak water). Zoals we al gelezen hadden: "Het is niet de vraag óf je last van je darmen krijgt, maar wannéér je er last van krijgt." We besluiten de rest van de dag in het hotel te blijven, dus helaas geen Santa Catalina. Gelukkig hebben we satellietontvangst op de tv en kijken we wat Engels gesproken en Spaans ondertitelde films (goed voor m'n Spaans!).

's Avonds moet er toch wat gegeten worden, dus lopen we naar een dichtbij gelegen restaurantje. Dit bleek achteraf niet zo'n erg goed idee, want in het restaurant ga ik bijna van m'n stokje. Op advies van de bediening drink ik m'n eerste kopje cocathee. Uiteindelijk gaan we met wat droge broodjes snel terug naar het hotel...


Dinsdag 3-5-2005 (Arequipa)

Voor vandaag staat de rit per 4-wheel drive naar de Colca Canyon op het programma. Gezien mijn verminderde gezondheidstoestand zie ik er aardig tegenop. Maar goed, voor dit soort gevallen hebben we stopmiddelen (loperamide) meegenomen, dus neem ik, zoals voorgeschreven, twee pillen om de boel stil te leggen voor de reis.

Bij het ontbijt schuift Peter Kuijt van Lama Tours al gauw aan en vraagt ons of we 'het' al gehoord hebben. Dat hebben we niet, maar het kan nooit veel goeds zijn... Het blijkt dat de bewoners van de Colca Canyon alle toegangswegen naar de Canyon geblokkeerd hebben uit onvrede met het overheidsbeleid: al vele jaren moeten toeristen betalen om de Canyon in te mogen, maar in al die tijd is er ondanks de toezeggingen niets van dat geld teruggevloeid naar de Colca, terwijl dat voor de sociale voorzieningen en de infrastructuur (met name de wegen) hard nodig is. Heel begrijpelijk allemaal, maar ondertussen kunnen wij de Canyon niet in. Aan de ene kant zijn we helemaal niet blij met de afgelasting van een reisonderdeel dat een van de hoogtepunten had moeten worden. Aan de andere kant ben ik stiekem wel een beetje blij dat ik nu twee dagen de tijd heb om de darmproblemen te overwinnen.

Mirador de YanahuaraOmdat de loperamide m'n darmstelsel stil gelegd heeft, kunnen we wel wat gaan doen, denken we. Dus met de taxi naar de Mirador de Yanahuara, alwaar we een mooi uitzicht over de stad en op de nabij gelegen vulkanen Chachani, Misti en Pichu Pichu hebben. Het is vooral apart je te beseffen dat je je al op zo'n 2300 meter boven zeeniveau bevindt en dan toch nog drie van die enorme bergen, pardon, vulkanen de lucht in ziet torenen (tot ruim 6000 meter).

Helaas willen de krampen niet echt over gaan en na geruime tijd in het parkje bij het uitzichtpunt rondgehangen te hebben, gaan we toch maar weer terug naar het hotel met de bedoeling een beetje in de tuin te zitten om wat te lezen. Dit blijkt echter geen onverdeeld genoegen aangezien de naastgelegen school de gehele dag de muziek- en zanglessen buiten organiseert. Ook in de kamer houden we het vanwege de geringe hoeveelheid daglicht en de lage temperatuur maar moeilijk uit.

Om vijf uur hebben we weer afgesproken met Peter Kuijt. In de situatie met de Colca Canyon is geen verandering gekomen, dus dit reisonderdeel wordt definitief afgelast. Peter geeft ons de keuze tussen enerzijds het uit laten betalen van de teruggevorderde kosten met aftrek van de extra overnachting in Arequipa en anderzijds een en ander te declareren bij de annuleringsverzekering en van het teruggevorderde geld de volgende dag onder zijn leiding de buitenwijken van Arequipa te gaan verkennen. We mogen er die avond over nadenken om de volgende ochtend ons besluit mede te delen.

's Avonds voel ik me toch alweer wat beter en heb zowaar weer zin om wat te eten (kip), de problemen lijken voorlopig onder controle.

Gezien de te verwachten moeilijkheden een bedrag te claimen bij de annuleringsverzekering, besluiten we Lama Tours te vragen het geld contant uit te laten betalen.


Woensdag 4-5-2005 (Arequipa)

Om half vier 's nachts komt er een groep Fransen aan in het hotel die lijken te denken dat het half vier 's middags is...

's Morgens bij het ontbijt zien we Peter Kuijt weer en tot onze verbazing deelt hij ons mee dat hij besloten heeft dat we de kosten het beste kunnen laten vergoeden door de annuleringsverzekering en dat hij ons een aantal bezienswaardigheden in de omgeving van Arequipa gaat laten zien. Enigszins overdonderd gaan we akkoord.

Peter heeft een wat luxere taxi geregeld die ons, na een kijkje genomen te hebben bij de Puente de Fierro, de door Eiffel ontworpen brug over rio Chili, naar een winkel met artikelen van lama- en alpacawol brengt, Incalpaca TPX. Op zich niets bijzonders, ware het niet dat zich achter deze winkel wat dierenverblijven bevinden met alle lamasoorten die Peru rijk is: de Llama, de Alpaca, de Guanaco en de Vicuña. Hoewel we ze liever in de Colca Canyon in het wild hadden gezien, vinden we het toch wel leuk ze in ieder geval gezien te hebben en ze nu ook (enigszins) te kunnen onderscheiden.

Molina de SalbandíaVervolgens rijden we door naar de uitzichttoren van Mirador Sachaca, van waaruit we na de beklimming een prachtig uitzicht hebben over Arequipa en omstreken. Ook zien we in de verte de vulkaan Ampato liggen, de vulkaan waar de Inca-mummie Juanita gevonden is. Als gevolg van de hoogte kost het omhoog klimmen meer moeite dan we hadden verwacht.

Hierna rijden we naar de El Mansion del Fundador, het koloniale huis van de stichter van Arequipa. In dit gerestaureerde huis bevinden zich nog diverse meubels, schilderijen, etc. uit de koloniale tijd. Op de curieuze ingelijste ramen na vonden we dit verder niet zo heel erg interessant, ons hotel in Lima was immers al koloniaal ingericht. Bovendien mochten we daar de koloniale meubels gewoon gebruiken.

Door naar de volgende bezienswaardigheid: La Molina de Sabandía, een met waterkracht aangedreven graanmolen met een mooie tuin eromheen.

Na deze uitstapjes en een kort bezoekje aan de plaatselijke supermarkt neemt Peter ons mee naar zijn in aanbouw zijnde huis, alwaar we zijn vrouw, kinderen en schoonzus (zij is ook werkzaam voor Lama Tours) ontmoeten. Hoewel zijn vrouw aanvankelijk niet helemaal gelukkig leek met het al dan niet onaangekondigde bezoek (of was het de taalbarrière?), raakten we al gauw aan de praat. Na wat drinken krijgen we een rondleiding door het deels nog af te bouwen huis. Daarna worden de taxi's gebeld die het hele gezelschap naar een enorm restaurant brengen waar de Peruanen rond de tafel staan te dansen op live muziek. We vinden een wat rustiger plekje aan een grote ronde tafel. De porties zijn groot, maar smaken goed. Geconfronteerd met de toiletten, voor een regulier bezoekje, ben ik blij dat de darmproblemen over zijn...

Santa CatalinaOmdat vandaag onze laatste kans is om toch nog Santa Catalina te bezoeken – morgen vertrekken we naar Puno – blijven we niet al te lang natafelen, nemen afscheid van de familie en laten ons door een taxi naar het centrum van Arequipa brengen. Even voor vieren (daarna mag je er niet meer in) betreden we het convent. Na aanvankelijk wat doelloos rondgekeken te hebben, kunnen we ons al gauw aansluiten bij een gids die een Engels koppel begeleidt. De laag staande zon en de in felle kleuren geschilderde muren geven een mooi licht aan de steegjes, pleintjes en gangen, dus ik maak naar hartelust foto's. We zijn erg blij dat we dit uiteindelijk toch nog hebben kunnen zien.

Een uur later staan we weer op straat en besluiten om even tot rust te komen in het hotel. Om acht uur gaan we naar het Plaza de Armas om op een van de balkons luisterend naar live panfluitmuziek en met uitzicht op het mooi verlichte plein en omringende gebouwen een sandwich te eten.


Donderdag 5-5-2005 (Arequipa)

Vannacht om vijf uur weer eens wakker gemaakt door aankomende of vertrekkende Engelsen. Maar goed, je went eraan...

's Morgens zitten we met gepakte koffers aan het ontbijt in afwachting van onze transfer naar het busstation, als Peter er weer aan komt. Wederom slecht nieuws: dit keer hebben de taxichauffeurs besloten de straten rond Arequipa te blokkeren omdat ze het te duur vinden om hun taxi's geel te verven, zoals de gemeente verordend heeft. Ook dit is weer heel begrijpelijk allemaal, maar zou je dan niet beter bij de burgemeester en wethouders kunnen gaan protesteren in plaats van de straat te blokkeren? Gelukkig duurt de blokkade maar tot 12 uur 's middags, dus we gaan ervan uit dat de bus naderhand alsnog vertrekt. Tot onze grote verbazing en teleurstelling blijkt dat niet het geval en wordt de rit geheel afgelast. Dit nieuws doet bij mij toch wel een klein stopje doorslaan en met het vooruitzicht nog twee dagen in Arequipa door te moeten brengen beginnen we eigenlijk toch wel heel erg genoeg van deze vakantie te krijgen: geen Colca Canyon, geen luxe lodge, geen Condors, geen rit over de Altiplano en geen excursie naar de eilanden op Lake Titicaca.

We besluiten naar het kantoor van Giardino Tours te gaan – de operator die het onderdeel Puno en Lake Titicaca voor ons zou verzorgen – om na te gaan wat de alternatieven zijn. Het enige alternatief dat ze kunnen bedenken is dat we de volgende dag de bus naar Puno nemen. Dat heeft volgens ons echter niet zoveel zin omdat we dan een dag later alweer met de bus naar Cusco moeten en we de excursie op Lake Titicaca – waar het in Puno natuurlijk allemaal om te doen is – toch zullen missen. Omdat we geen zin hebben in twee opeenvolgende busreizen van zes uur, besluiten we met het vliegtuig naar Cusco te gaan, en wel liever vandaag dan morgen. Helaas is de vlucht van vandaag al vol geboekt, hoogstwaarschijnlijk mede door de nog steeds voortdurende blokkade van de Colca Canyon. Dan maar de vlucht van morgen geboekt, wat gelukkig wel lukt.

Rest ons nog een invulling te vinden voor vandaag en morgenochtend (de vlucht is pas om half drie). Na lang doorvragen komt men uiteindelijk met de suggestie een bezoek te brengen aan de thermaalbaden in Yura, even buiten Arequipa gelegen. Dit lijkt ons wel wat, dus er wordt een niet als zodanig herkenbare taxi (wegblokkade!) geregeld. Onze chauffeur heet Pablo en we kunnen het goed met hem vinden. Hij lijkt niet te lijden aan de kortzichtigheid en claxonneerzucht die vrijwel elke andere Peruaanse taxichauffeur of automobilist kenmerkt.

taxi's (deawoo tico's) in arequipaEven twee verduidelijkende voorbeelden van voorgaande bewering: 1) Als een Peruaanse taxichauffeur of automobilist voor het stoplicht staat met tien auto's voor hem en het stoplicht springt op groen, dan gaat hij onmiddellijk claxonneren indien de auto voor hem niet direct wegrijdt. 2) Als een Peruaanse taxichauffeur of automobilist een smalle straat in rijdt en er rijdt aan de andere kant ook een auto deze straat in, dan rijden beiden door totdat ze niet verder kunnen, gaan dan uitgebreid staan toeteren en na geruime tijd, bij voorkeur als er aan beide kanten nog wat extra auto's zijn ingereden, wordt er uitgestapt om met veel misbaar eens te kijken hoe de situatie op te lossen is.

Na onverhoopt toch vastgelopen te zijn in een wegblokkade wordt Pablo helaas ontmaskerd als stakingsbreker. Na een smoes dat 'ie ons naar het vliegveld moet brengen verklapt men hem een sluiproute om de blokkade heen en kunnen we toch nog verder.

thermaalbad YuraNa een rit van ongeveer 30 km. parkeert Pablo de auto en wandelen we naar het eerste thermaalbad. Dat is toch even slikken: het betreft twee kleine binnenbadjes (±2 bij 4 meter) met troebel grijsgroen naar rotte eieren stinkend water. Volgens Pablo zijn er vlakbij nog twee baden. Na, via een korte wandeling langs een beekje, de andere baden bekeken te hebben besluiten we tenslotte maar een uurtje in het laatste bad te gaan zitten. Het water van dit bad stinkt tenminste niet. Het enige wat de rust verstoort is het geronk van nabijgelegen cola-fabriek... De tegenstelling met de thermaalbaden in Nederland had niet groter kunnen zijn.

Na het badderen eten we samen met Pablo in een klein restaurantje een bord traditionele maaltijdsoep met aardappelen en lamsvlees gevolgd door wat stukjes gebakken aardappel en kip. Hierna rijden we terug naar Arequipa en worden we bij het hotel weer afgezet. Dit lijkt me een mooi moment om in een internetcafé een e-mailtje aan PeruOnline te sturen om ze op de hoogte te brengen van onze teleurstellingen, ook al omdat in de algemene voorwaarde van de annuleringsverzekering staat dat dergelijke incidenten binnen drie dagen gemeld moeten worden aan het kantoor waar de reis is geboekt.

's Avonds moeten we weer naar het kantoor van Giardino Tours om na betaling van 93 US dollar de tickets voor de vlucht naar Cusco op te halen. Nu we toch ter plekke zijn, vragen we meteen of Pablo ons de volgende ochtend mee kan nemen naar wat mooie plekjes buiten Arequipa en ons vervolgens naar het vliegveld kan brengen. Dat lijkt geen probleem te zijn, hij zal ons om negen uur op komen halen.


Vrijdag 6-5-2005 (Arequipa/Cusco)

Voor de derde keer pakken we onze koffers in de verwachting het hoofdstuk Arequipa af te sluiten. Om negen uur staat Pablo ons al op te wachten. We checken uit bij La Casa de Melgar en stappen in de taxi. Vandaag brengt Pablo ons naar Characato, een landelijk gebied even buiten Arequipa waar de landbouw deels plaatsvindt op de oude Inca-terrassen. Onderweg stappen we enkele keren uit om te genieten van de uitzichten en rond te kijken in het centrum van een dorpje waar we doorheen rijden. Daarna maken we een wandeling over wat akkers met uien, pepers en alfalfa naar een irrigatiebassin en maken een praatje met wat mensen die pepers aan het oogsten zijn.Mirador la Rinconada del Alto

Pablo heeft het meest spectaculaire uitzichtpunt voor het laatst bewaard: de Mirador la Rinconada del Alto. Vanaf dit punt zie je de rivier rio Chili door de vallei stromen met de Chachani op de achtergrond. Bij het uitzichtpunt is een tuin met diverse bloemen en planten uit de streek en een winkeltje met allerlei producten die hiervan gemaakt zijn (snoepjes, likeur, zalfjes, etc.).

Onze vlucht is om half drie, dus Pablo levert ons even voor enen op het vliegveld af. Daar nemen we ook afscheid van Peter Kuijt, z'n schoonzus en z'n oudste dochtertje. De vlucht naar Cusco duurt maar een klein uurtje. Na het opstijgen vliegen we vlak langs de vulkaan Ampato (van de Inca-mummie Juanita), wat erg indrukwekkend is.

Aangekomen in Cusco maken we de fout op het vliegveld de eerste de beste taxi te nemen die ons aangeboden wordt. Hoewel we een ritprijs van 8 sol afgesproken hadden, springt de taxichauffeur na het uitladen van de koffers en met een briefje van 10 sol in de hand, snel in de taxi en rijdt weg. Erger dan die 2 sol is echter dat 'ie een van onze jassen bij het inladen op het vliegveld in een hoekje van de kofferbak had gelegd, maar deze er bij het uitladen niet uit haalt. Later vernemen we dat je alleen taxi's moet nemen met een soort van schaakbordjespatroon op de zijkant en dat je als voorzorgsmaatregel het nummerbord op moet schrijven. Het personeel van ons hotel Del Prado Inn zegt toe opnames van het gesloten videosysteem te laten raadplegen in de hoop het nummerbord van de taxi te achterhalen.

We merken goed dat Cusco nog weer een stuk hoger ligt dan Arequipa, op 3400 meter om precies te zijn, en bestellen een pot cocathee tegen de hoofdpijn. Het blijft wonderlijk steeds weer te merken hoe goed dit helpt. Omdat onze gemoedstoestand er niet naar is een restaurant te zoeken eten we vandaag maar in het hotel.
Plaza de Armas Cusco
Om toch nog even wat buitenlucht op te snuiven loop ik 's avonds nog even naar de Plaza de Armas, op een steenworp van het hotel. Aldaar wordt ik voor de zoveelste keer aangeklampt door een jongen die m'n schoenen wil poetsen. In de hoop daarna van het gezeur af te zijn laat ik 'm zijn gang maar gaan en betaal er natuurlijk veel te veel voor. Niet dat dat achteraf nu zoveel geholpen heeft, de meesten kijken niet eens naar je schoenen voordat ze je vragen of ze nog gepoetst moeten worden.

Wat straatverkopertjes betreft spant Cusco overigens wel de kroon. Je kunt werkelijk geen vijf minuten lopen zonder aangeklampt te worden door meisjes met vingerpoppetjes of snoepjes, jongens met ansichtkaarten, schilderijtjes of schoenpoetsuitrusting, of volwassenen met sigaretten of coca. Daarnaast heeft ieder restaurant jongeren buiten staan die je naar binnen proberen te praten en dan heb je ook nog gewone bedelaars. In het begin zeg je nog vriendelijk “No gracias”, maar na verloop van tijd loop je maar gewoon door zonder wat te zeggen.

De hotelkamer is voorzien van een jacuzzi, dus die moet uitgeprobeerd worden. Dat valt even tegen: het vullen van het bad duurt ruim een uur, de jacuzzi heeft maar 4 jets waarvan de sterkte niet regelbaar is en maakt ook nog eens een enorme herrie. Omdat de jacuzzi in de kamer staat is de binnentemperatuur nogal opgelopen. Bij gebrek aan een raam naar buiten toe blijft het de hele nacht erg warm. Tot overmaat van ramp hebben ze in de kamer naast ons ook het idee opgevat om de jacuzzi uit te proberen, maar dan tussen elf uur en kwart voor twaalf. Nadat ze eindelijk klaar zijn werkt het geluid van de naastgelegen disco ook niet erg slaapbevorderlijk. De oordoppen bewijzen weer goede diensten.


Zaterdag 7-5-2005 (Cusco)

Het ontbijt bij dit hotel is redelijk uitgebreid: meerdere soorten sap, vers fruit, roerei, gebakken worstjes en broodjes met verschillende soorten beleg en natuurlijk koffie en thee. Daarnaast is het personeel erg vriendelijk en hulpvaardig. Ook is er een computer met internet beschikbaar, waar overigens wel een redelijke vergoeding voor berekend wordt. Het is goedkoper om naar een internetcafé te gaan, maar het gemak om in het hotel kunnen blijven weegt voor mij toch zwaarder.

monument Inca PachacutecHet eerste wat we deze ochtend doen is het kopen van de zogenaamde Boleto Turistico del Cusco, een toegangsbewijs voor diverse musea en Inca-ruïnes in en om Cusco. We besluiten meteen maar goed gebruik van onze Boleto's te maken en bezoeken achtereenvolgens het Santa Catalina convent, het historisch museum, het museum van Qorikancha en het monument voor Inca Pachacutec. Geen van de bezochte musea maakte op ons veel indruk. Vanuit de toren die de voet van het monument voor Inca Pachacutec vormt heb je een mooi uitzicht op Cusco en de omringende bergen, maar bij lange na niet zo spectaculair als de uitzichten rondom Arequipa. Uiteraard maken we ook een wandelingetje door calle Loreto, dit is de straat met de best bewaard gebleven Inca-muur in Cusco.

Achteraf gezien hadden we de musea van de Boleto misschien beter kunnen negeren en ons eigen plan trekken op basis van de meegenomen documentatie. Gelukkig hebben we op 12 mei nog een dag in Cusco te besteden. Overigens heb je de Boleto wel nodig voor de meeste Inca-ruïnes: je hebt de prijs er al uit als je er twee bezoekt.

's Avonds zoeken we expres een restaurant dat geen gebruik maakt van jongeren die je naar binnen proberen te praten. Het wordt uiteindelijk een Italiaans specialiteitenrestaurant, waar we een heerlijke huisgemaakte pastaschotel nuttigen.

Het hotel heeft de video van de bewakingscamera's nog niet kunnen raadplegen omdat de bevoegde persoon er niet was. Omdat we de 12e weer terugkomen, zeggen ze toe er alsnog achteraan te gaan. Uiteraard hebben we niet veel hoop meer op een goede afloop...

Voordat we naar de kamer gaan vragen nog even hoe laat we de volgende ochtend opgehaald worden. Helaas heeft CAT Cusco – de reisorganisatie die verantwoordelijk is voor het restant van onze rondreis – nog geen contact met het hotel opgenomen. Men zegt ons dat het meestal om half negen is, dus daar gaan we maar van uit.


Zondag 8-5-2005 (Pisaq/Ollantaytambo)

Bij het ontbijt schuift om acht uur dan toch de vertegenwoordigster van CAT Tours aan. Ze vertelt ons dat we over een half uur opgehaald worden door een bus en verontschuldigt zich dat ze niet eerder contact met ons heeft opgenomen. Had iets te maken met de moederdag van gisteren ofzo...

markt PisaqOm half negen worden we inderdaad opgepikt door een grote toerbus. Na her en der nog wat toeristen opgepikt te hebben beginnen we de busreis naar de Sacred Valley. De eerste stop is een half uurtje rijden buiten Cusco en biedt een mooi uitzicht over het begin van de vallei. Na nog een half uurtje arriveren we in Pisaq waar, zoals elke zondag, een grote markt gaande is. We mogen een uurtje op deze markt rondstruinen. Aangezien dit marktbezoek aangekondigd was hadden we ons al voorgenomen om hier souvenirs te kopen, wat hier gezien het aanbod geen enkel probleem is.

Terug in de bus heeft de chauffeur veel moeite om van de overvolle parkeerplaats af te komen. Als dit eenmaal gelukt is gaan we tot onze grote verbazing niet naar de ruïnes van Pisaq zoals het programma op de website van PeruOnline heeft beloofd, maar rijden we door richting Urubamba. In Urubamba worden eerst enkele passagiers bij een ander restaurant afgezet, waarna de overige passagiers naar restaurant El Maizal gebracht worden. De reisleider noemt daar enkele namen voor wie de lunch blijkbaar inbegrepen is en daarna de overige namen, waaronder die van ons, gevolgd door de uitroep “No lunch!”. Met andere woorden, zoek het verder zelf maar uit... Gelukkig is er genoeg plaats en kunnen we, tegen betaling, toch nog meedoen aan het lopend buffet.

In de bus ontmoeten we een koppel dat via PeruOnline dezelfde rondreis heeft geboekt en een dag voor ons nog wel de Colca Canyon in kon, maar er daarna bijna niet meer uit kwam. De lunch biedt een mooie gelegenheid om de wederzijdse belevenissen uit te wisselen.

Na de lunch stappen we weer in de bus en rijden langs de rivier, die ook Urubamba heet, naar Ollantaytambo. Hoewel in de bus aangekondigd is dat na het bezoek aan de ruïnes van Ollantaytambo de op Inca-fundering gebouwde kerk van Chincheros bezocht gaat worden, zit dat er voor ons niet in. Ollantaytambo is ons eindstation voor vandaag. We besluiten dan ook om niet met de rest van de passagiers de ruïnes te bezoeken, maar eerst de koffers naar het hotel te brengen. Al gauw komen er een paar jongens met een bakfiets naar ons toe die daarmee de koffers voor een paar sol wel naar het hotel willen brengen. Nadat de jongens met de bakfiets en onze koffers uit het zicht verdwenen zijn, hopen we er maar het beste van en wandelen met z'n vieren in de richting waarin ze vertrokken zijn. Na ongeveer 10 minuten arriveren we bij Albergue Lodge Kapuly waar de jongens met onze koffers al staan te wachten. Via een soort snackbar komen we in een binnentuintje met achterin een grote schuur. Het ziet er allemaal nogal armoedig uit. Omdat de persoon die de kamers toewijst er nog niet is, zetten we de koffers zolang maar op een van de kamers en besluiten terug te lopen naar het dorpscentrum om op eigen gelegenheid de ruïnes te bezoeken.
ruïnes Ollantaytambo
De ruïnes van Ollantaytambo bestaan voor een groot deel uit enorme terrassen. Naar verluidt werden deze terrassen gebouwd om allerlei gewassen te verbouwen en tegelijkertijd de erosie tegen te gaan. Ook waren ze voorzien van een ingenieus irrigatiesysteem. Later, toen de Spanjaarden in oorlog kwamen met de Inca's, werden ze ook gebruikt ter verdediging en werd de boven gelegen tempel tot fort omgebouwd. Onder aan de ruïne kun je nog goed zien hoe de gebruikte stenen uit de rotsen zijn gehakt.

Na het bezoek aan de ruïnes, waarbij we ook de overige buspassagiers weer tegenkomen, lopen we terug naar de lodge om te zien waar we ondergebracht worden. Dat is even schrikken! Waren we over La Casa de Melgar in Arequipa al niet al te enthousiast, dit slaat toch echt alles. In de kamer staan vier bedden, kleedjes bedekken de grootste gaten in de houten vloer, de verlichting bestaat uit één peertje aan het plafond, de deur wordt afgesloten met een hangslot, de badkamer met wc tenslotte is erg vies en stinkt enorm. Dat is toch niet wat je verwacht van een comfort reis, zoals de rondreis op de website van PeruOnline aangekondigd wordt.

Om deze nieuwe teleurstelling een beetje te compenseren besluiten we 's avonds gevieren bij het nabijgelegen luxe hotel Pakaritampu te eten: heerlijke forel met flan als dessert.


Maandag 9-5-2005 (Pisaq)

Tijdens de voorbereidingen van de reis hadden we al begrepen dat de ruïnes van Pisaq na Machu Picchu de mooiste van de Sacred Valley zijn. Omdat we tijdens de busreis van gisteren niet de gelegenheid hebben gehad ze te bezoeken, willen we ze graag alsnog zien. Daarnaast kwamen we gisteren tot de ontdekking dat er noch in Ollantaytambo, noch in Aguas Calientes – de laatste stop voor Machu Picchu  – pinautomaten zijn en we niet genoeg geld hebben voor de komende drie dagen. Twee redenen dus om met z'n vieren een taxi terug naar Pisaq te nemen, met een pin-stop in Urubamba.

ruïnes PisaqAangekomen bij de ruïnes van Pisaq zien we wat lokale verkopers staan die we vriendelijk afwijzen. Eén van hen is echter erg vasthoudend en wil ons graag rondleiden. Het bezoeken van de ruïnes zonder gids heeft volgens hem niet zoveel zin en achteraf mogen we zelf bepalen hoeveel we hem willen geven. Omdat 'ie verder wel erg vriendelijk overkomt, stemmen we toe. Al gauw blijken we met deze gids – Marcelo – de hoofdprijs in de loterij gewonnen te hebben! Naar eigen zeggen afstammend van de Inca's en 70% van z'n kennis verworven te hebben van zijn voorouders, vertelt hij op aanstekelijk enthousiaste wijze over de ruïnes en waar ze voor gediend hebben. Hij wijst ons op de drie belangrijkste nederzettingen binnen de ruïnes, waarvan één in de vorm van een condor, en geeft aan welke ambachten er in de Inca-tijd werden uitgeoefend. Ook vertelt hij over de betekenissen en gebruiken van diverse tempels en legt hij uit hoe stenen zoals de offersteen en de zonnewijzer – Intihuatana – gebruikt werden. Hij spreekt alleen Castiliaans (Spaans), wat Mari dan weer vertaalt in het Nederlands. Zeer indrukwekkend is ook het uitzicht op de omringende valleien waar we tijdens de wandeling door de ruïnes continu van kunnen genieten.

Na afloop van de rondleiding haalt Marcelo allerlei 'zelfgemaakte' voorwerpen uit zijn rugzak die we – zogenaamd tegen een zacht prijsje – van hem kunnen kopen. Uiteraard stellen we hem niet teleur. Als ik hem vraag of hij het Inca-kruis – Chacana dat hij om z'n nek heeft ook verkoopt, geeft hij het spontaan aan onze vertaalster als dank voor de ondersteuning!ruïnes Pisaq

Terug bij de parkeerplaats blijkt dat het inmiddels al zo laat geworden is dat er hier boven geen taxi's meer zijn die ons terug kunnen brengen. Na enige tijd vergeefs gewacht te hebben besluit Marcelo om maar te gaan lopen, we lopen met hem mee en praten nog even met hem over zijn bijna afgeronde gidsenopleiding, waarna hij Engels wil gaan studeren. Na een klein half uurtje naar beneden gelopen te hebben komen we bij een splitsing van de weg en al gauw weet een van ons een vrachtwagen aan te houden die ons naar Pisaq brengt.

Eenmaal gearriveerd in Pisaq eten we in het backpackers restaurant Ulrike's een groot bord soep gevolgd door een lekkere lasagne. Voordat we gingen eten had een taxichauffeur al toegezegd ons naar Ollantaytambo te zullen brengen, maar als we bijna klaar zijn komt 'ie nogal gehaast binnen om te vertellen dat 'ie een uurtje weg moet. Omdat we geen zin hebben daarop te wachten nemen we maar een andere taxi. Het blijkt nogal een rammelbak te zijn, maar gelukkig rijdt de chauffeur wat rustiger dan degene die we op de heenweg hadden. Het wordt al donker en dan blijkt dat het gezichtsvermogen van onze chauffeur niet al te best is. Gelukkig zijn z'n reactievermogen en remmen dat wel en kan, mede dankzij vier paar betere ogen, tot twee keer toe een aanrijding op het nippertje voorkomen worden.

Met het hart in de keel komen we aan in Ollantaytambo, rekenen snel af en lopen terug naar de lodge. Aldaar genieten we, onder de zeer heldere sterrenlucht en met een wijntje in de hand, nog even na van deze enerverende dag.


Dinsdag 10-5-2005 (Aguas Calientes)

trein naar Aguas CalientesNa het karige ontbijt met een veel te zout roerei op het terrasje voor de snackbar, kunnen we tot onze opluchting afscheid nemen van de Kapuly lodge en lopen we naar het ernaast gelegen treinstation. Daar stappen we om negen uur op de backpackers trein die ons in tweeënhalf uur naar Aguas Calientes brengt. Tijdens de treinreis hebben we mooi zicht op de rivier Urubamba.

In Aguas Calientes worden we bij het station opgewacht door personeel van Hostal Wiracocha Inn, ons volgende hotel. Dit is overigens de enige plaats waar een rugzak handiger was geweest dan koffers op wieltjes, omdat er langs het spoor alleen maar losse stenen liggen. In het hotel worden we ondergebracht in een zojuist aangebouwd gedeelte. Er is nog geen trapleuning, geen balustrade, de wc en het slot van de deur werken nog niet altijd even goed en in plaats van bedlampjes zitten er gaten in de muur waar wat draden uit steken. Hier staat tegenover dat de bedden en matrassen gloednieuw zijn. Van alle hotelkamers tijdens onze rondreis is dit de kleinste, net genoeg ruimte voor twee bedden en twee koffers.

Aguas Calientes bestaat in feite uit een verzameling hotels, restaurants en huizen voor de uitbaters ervan. Op wat thermaalbaden na – maar daarvan hadden ons portie in Arequipa al gehad – is er verder niet zo gek veel te doen. We besluiten een stukje langs de rivier te wandelen die steeds meer een beek begint te worden en zien diverse kolibries.

Na teruggelopen te zijn naar het dorp en de winkeltjes rond het Plaza de Armas uitgebreid bekeken te hebben, brengen we een bezoekje aan een internetcafé om het thuisfront even bij te mailen. Daarna eten we bij Chez Maggy heerlijke pizza's uit de houtoven. Halverwege de avond worden we nog getrakteerd op een optreden door drie jongens die diverse Peruaanse 'hits' ten gehore brengen. Eén van de jongens speelt panfluit en minigitaar tegelijk, erg bijzonder. Als we de pizza's op hebben maken we met de aan Chez Maggy gelieerde Thaise masseuse een afspraak voor massages later die avond.

Na de massages gaan we meteen slapen want we willen de volgende dag vroeg op om bij de eerste zonnestralen op Machu Picchu te kunnen zijn. Bij het geruis van de rivier dan wel beek is dat niet al te moeilijk.


Woensdag 11-5-2005 (Machu Picchu)

De wekker gaat al om half zes. We staan op en pakken snel de koffers in die we in depot achterlaten in het hotel. Na het ontbijt – wederom zeer karig – dat al voor ons klaar staat, lopen we naar de busstandplaats. Vreemd genoeg kun je geen gecombineerd kaartje kopen voor vervoer naar en toegang tot Machu Picchu, dus kopen we bustickets (ongeveer 40 sol per persoon: 10 euro). Na in een klein half uur via vele haarspeldbochten naar boven geslingerd te zijn, gaan we in de rij staan voor de ingang, vanaf hier is nog niet zoveel te zien van de ruïnes. We kopen de toegangskaarten (77 sol per persoon: bijna 20 euro) en regelen een gids voor twee uur (100 sol: 25 euro). Het is weer even wennen, maar de prijzen zijn hier zeer 'westers'.

Bij de ingang staat op een groot bord dat je onder andere geen eten en flesjes water mee naar binnen mag nemen. We aarzelen even, maar als we zien dat iedereen ongegeneerd met uit rugtassen stekende flesjes water naar binnen loopt, doen wij dat ook maar. Ook de bananen laten we maar in de rugzak zitten. Dat blijkt later een goed idee want de enige plek waar je eten en drinken kunt kopen, wederom tegen westerse tarieven, is bij de ingang die nogal decentraal gelegen is.
Machu Picchu
De gids – helaas heb ik haar naam helaas niet kunnen onthouden – brengt ons eerst naar het wachtershuis, een hooggelegen gebouwtje waarvandaan je een ontzettend mooi en indrukwekkend zicht op Machu Picchu hebt. De standaardfoto van Machu Picchu wordt vanaf dit punt gemaakt, dus we volgen dat goede voorbeeld gedwee. Helaas zijn er geen fotogenieke optrekkende mistflarden, maar de eerste zonnestralen doen het ook goed.

Onze gids leidt ons langs de vele tempels, door de buik van de Condor en via de Intihuatana (zonnewijzer) naar de bloementuin, vertelt over de verscheidene theorieën omtrent de gebruiken van diverse gebouwen, wijst ons op allerlei vormen van gezichten dan wel liggende personen die we in de omringende bergen zouden moeten ontwaren, laat ons zien hoe de schaduw van een eenvoudige steen de kop van een lama vormt, legt uit hoe op bepaalde dagen in het jaar de zon door de ramen op bepaalde plekken schijnt en wat daar de betekenis van is, om na twee uur te eindigen bij de fonteinen voor de rituele baden.

We lopen terug naar de ingang om onder het genot van een drankje de plannen voor de rest van de dag te smeden. Het is nog maar half tien, dus tijd genoeg. Omdat we de Inca-trail niet gelopen hebben en toch thuis willen komen met een beetje een stoer verhaal, besluiten we om de Huayna Picchu te beklimmen, daarna zien we dan wel weer verder.

beklimming Huayna PicchuOm bij de Huayna Picchu te komen lopen we vanaf de ingang naar de andere kant van de ruïnes en schrijven ons in in het logboek. Dit is verplicht en dient ertoe aan het eind van de dag te kunnen controleren of iedereen wel terug gekomen is. Het is best een eind klimmen, maar we doen rustig aan en dan is het goed te doen. Het venijn van de klim zit 'm in de staart waar nog een stevig rotsblok en een heel stijl stukje bedwongen moeten worden. Om ons heen vinden allerlei restauratiewerkzaamheden plaats. Na drie kwartier zijn we boven en genieten van het prachtige uitzicht. Vanaf hier lijkt het alsof Machu Picchu vreselijk ver weg ligt. Na geduldig op m'n beurt gewacht te hebben beklim ik het hoogste rotsblok en fotografeer een panorama dat achteraf door de vele groene bergen een beetje tegenvalt.

Na een half uur van het uitzicht en de prestatie genoten te hebben beginnen we aan de afdaling. Met een kleine drie kwartier zijn we weer beneden en loggen uit. Vlakbij de toegang naar de Huayna Picchu is de 'ceremoniële steen' te vinden die dezelfde vorm heeft als de erachter liggende berg. Helaas gaat het gerucht dat er magische krachten van deze steen uitgaan, wat door vele bezoekers iets te serieus genomen wordt, met als gevolg dat het noch voor de beklimming noch na de afdaling van de Huayna Picchu mogelijk blijkt een foto van steen en berg te nemen zonder zonderlingen ervoor.

pad naar Inca-brugWederom keren we terug naar de ingang, dit keer om wat te eten. De vers klaargemaakte hamburger smaakt goed en met wat energiedrank erbij kunnen we er weer even tegen. Helaas begint de tijd al te dringen, maar we denken dat het pad naar de Inca-brug nog wel te doen is. Het pad is het restant van een Inca-trail, toch nog! Eigenlijk loop je om de berg Machu Picchu heen naar de andere kant. De uitzichten onderweg zijn weer schitterend en het lukt me zowaar om een luidruchtige kolibrie te fotograferen. De Inca-brug zelf kun je alleen van een afstand zien en ligt tegen een indrukwekkende rotswand aangeplakt. Hier eindigt het pad ook en keren we dus weer om. Weer aangekomen bij de ruïnes maken we de laatste foto's van Machu Picchu waar we ook de eerste maakten.

Snel door naar de uitgang en in de ineens enorm gegroeide rij voor de vertrekkende bussen. Het duurt nogal lang voordat er een bus komt en we zijn even bang dat we de trein niet gaan halen. Gelukkig komen er dan enkele bussen tegelijk en stappen we met een gerust hart in.

Terug in Aguas Calientes lopen we naar het hotel, halen de koffers en lopen we naar het treinstation. Hier heerst nog even wat verwarring omdat we voor het instappen het station op geheel afwijkende wijze dienen te benaderen dan we het bij het uitstappen verlieten. Via wat trappen en de lokale markt komen we bij de ingang waar het instappen ineens heel ordelijk en naar ons idee on-Peruaans verloopt middels het op rijtuig-letter groeperen van de reizigers.

trein naar CuscoDe trein vertrekt om vier uur en onderweg hebben we naast de rivier ook mooi uitzicht op wat hoge bergen met gletsjers. Bij de laatste stop voor Cusco, het is inmiddels half acht, wordt gemeld dat we een bus kunnen nemen die ons in een kwartier naar Cusco brengt of dat we kunnen blijven zitten, maar dan duurt het nog een uur. Omdat we opgehaald worden bij het treinstation besluiten we om maar te blijven zitten. Dit levert ons toch nog wel een aparte ervaring op: omdat Cusco in een bergkom ligt moet de trein nog een aardig stukje dalen, dat kan niet rechtstreeks en daarom rijdt de trein steeds heen en weer als een blaadje dat van de boom valt.

Bij het treinstation worden we inderdaad opgewacht door mensen van de reisorganisatie CAT Cusco, die ons naar het hotel brengen, wederom het Del Prado Inn. Dit keer hebben we een kamer op de bovenste verdieping, zonder jacuzzi en (daardoor?) gelukkig veel koeler. Na snel nog wat gegeten te hebben in het hotel, hebben we niet veel moeite om in slaap te komen.


Donderdag 12-5-2005 (Cusco)

Na het ontbijt informeren we of het nog gelukt is het nummerbord van de taxi te achterhalen waarin vrijdag 6 mei de jas was achtergebleven. Helaas is dat niet gelukt en adviseert men ons naar een soort bank te gaan om een zogenaamde Certificado Denuncia Policial te halen. Met dit papiertje – een soort betalingsbewijs – moeten we vervolgens naar de toeristenpolitie om aangifte te doen.

De toeristenpolitie is gehuisvest in een koloniaal gebouw in de wijk San Blas. Na enkele keren heen en weer gewezen te zijn komen we in een kamer waar diverse agenten druk zitten te typen (jawel, op typemachines). De politieman die ons te woord staat gaat na ons verhaal eerst zoeken in de archieven en komt er na enige tijd achter dat er geen aangifte gedaan is. We geven aan dat dat klopt, maar dat het hotel had geadviseerd dat alsnog te doen omdat men het nummerbord niet heeft kunnen achterhalen. Een tweede agent die er snel bij gehaald is wordt hierop nogal kwaad en zegt dat het hotel dit nooit had mogen adviseren. Hij zegt dat het hotel direct de politie erbij had moeten halen, ook al om de video te bekijken en dat het na meer dan 24 uur niet meer mogelijk is om aangifte te doen. Omdat we inzien dat dit een heilloze zaak aan het worden is druipen we af en besluiten we ons er de rest van de vakantie maar niet meer druk over te maken.

kathedraal CuscoDe ons resterende tijd in Cusco willen we graag 'nuttig' besteden en we besluiten tot een bezoek aan de kathedraal. In de kathedraal worden we al gauw aangesproken door een jongeman met een officieel gidsenspeldje die ons graag wil rondleiden, zoals we inmiddels gewend zijn tegen een achteraf door ons te bepalen bedrag. Hij leidt ons langs de kapellen, altaren en schilderijen en vertelt over de transformatie van 'kopie van de heer van de stormen' tot 'heer van de aardbevingen' en het prachtige houtsnijwerk van het koor. Ook bekijken we het schilderij met het laatste avondmaal waar onder andere cuy (cavia) op tafel staat. Blijkbaar hadden we een beginnende gids, want in een van de grotere kapellen nam een collega het even van hem over. We eindigen in het modernere gedeelte van de kathedraal, waar de gids vertelt over de jaarlijkse feesten en het gebruik van de aldaar geparkeerde praalwagen daarbij.

Na bij Café Cappuccino met mooi uitzicht op de Plaza de Armas een cappuccino gedronken te hebben en de onvermijdelijke reeds in Aguas Calientes gekochte ansichtkaarten van Machu Picchu geschreven te hebben, gaan we naar Museo Inka. Dit is het interessantste museum van Cusco en geeft een mooi overzicht van allerlei artefacten van diverse Inca-culturen.

Onze reisgenoten in de Sacred Valley hadden ons verteld dat je bij Hotel Monasterio erg lekker kunt eten, maar je er dan ook wel wat meer voor betaalt. Omdat we inmiddels flinke trek hebben en ook wel aan wat verwennerij toe zijn, lijkt ons dat wel wat. Het hotel is gesitueerd in – de naam suggereert het al – een oud klooster. Het restaurant bevindt zich deels in de kloostergangen, maar je kunt ook buiten zitten. We beginnen natuurlijk met een pisco sour en nemen als voorgerecht de aspergesoep. Daar hebben we geen spijt van: dit is veruit de lekkerste soep die we deze vakantie gegeten hebben. Na de soep hebben we alpaca (een van de specialiteiten) respectievelijk risotto met kip, begeleid door een flesje rode wijn. Ook deze gerechten smaken uitmuntend! Na afgesloten te hebben met een dessert en een espresso, blijkt dit inderdaad veruit de duurste lunch/diner geweest te zijn, maar dat was het zeker waard.
Sacsayhuaman
Als laatste activiteit van ons verblijf in Cusco brengen we een bezoek aan Sacsayhuaman, een groot en indrukwekkend Inca-complex een stukje boven Cusco gelegen. De zon staat al laag wat voor prachtig licht en lange schaduwen zorgt. Omdat we al diverse ruïnes met gids bekeken hebben doen we het dit keer maar eens zonder. Wat vooral opvalt zijn de vele afgeronde hoeken met wederom precies op elkaar aansluitende stenen. Aan de zijkant van het complex hebben we een mooi zicht op Cusco, vooral de Plaza de Armas is goed te zien. Na een uurtje rondgedwaald te hebben over het enorme terrein gaan we terug naar ons hotel.

's Avonds ontmoeten we onze reisgenoten van de Sacred Valley in café Norton op de Plaza de Armas. We drinken bier en cocktails, bekijken elkaars foto's en kijken, op wat kleinere incidenten na, terug op een geslaagde tweede week van de rondreis.


Vrijdag 13-5-2005 (Lima)

Om kwart over negen worden we opgehaald om naar het vliegveld gebracht te worden. We moeten nog een aardig stukje lopen met de koffers omdat het Plaza de Armas vandaag is afgezet in verband met een muziekconcours. We stappen en in na wat onhandig gemanoeuvreer in de nauwe straatjes van San Blas lukt het uiteindelijk ook om de andere reizigers op te halen, uiteraard zijn dat weer onze reisgenoten van de Sacred Valley.

Na een probleemloze vlucht landen we kwart voor één in Lima. We nemen afscheid van onze reisgenoten die later vandaag terugvliegen naar Nederland en worden alweer opgewacht door tio Quique.

We slapen vannacht in een van de gastenverblijven bij het kantoor van Fe y Alegría en brengen daar de koffers eerst heen. Tio Quique biedt aan de foto's van de vier gebruikte Compact Flash kaartjes op z'n laptop te zetten, zodat we ze in het regenwoud allemaal opnieuw vol kunnen schieten. Dat lijkt me een erg goed idee, maar het USB-kabeltje van de camera heb ik niet meegenomen omdat ik ervan uitging dat niet nodig te hebben. Helaas passen de kabeltjes die hij op kantoor heeft niet, dus belt tio Quique een collega die zelf ook een digitale Canon camera heeft. De collega brengt al gauw een hele lading kabeltjes langs en de juiste zit er inderdaad tussen. Na ook nog de juiste driver via internet geïnstalleerd te hebben, downloaden we de foto's op de laptop.

Het loopt alweer tegen drieën en we besluiten om wat te gaan eten. De eerste dag in Lima was de ceviche erg goed bevallen, dus daar hebben we nu ook wel weer zin in. Vandaar dat tio Quique ons meeneemt naar een nabijgelegen restaurant waar hij al vaak ceviche heeft gegeten. We nemen dit keer de gemixte variant met allerlei soorten vis en schaaldieren. Ook krijgen we er een erg pittig drankje bij.

Terug in het kantoor kijken we nog even of de foto's goed op de laptop terecht gekomen zijn. Daarna pakken we één koffer met de spullen die we in het regenwoud nodig denken te hebben om de rest achter te laten in Lima. Tijdens deze activiteiten krijg ik last van een hevig kriebelend gevoel achter mijn ogen. Even later begin ik ook te hoesten en krijg ik steeds meer moeite met ademhalen. Ik vermoed dat ik ergens allergisch op reageer en zeg dat ik even ga liggen in de hoop dat het wegtrekt.

Als Mari en tio Quique tien minuten later komen kijken hoe het met me gaat schrikken ze zichtbaar van hoe ik eruit zie. Blijkbaar is mijn gezicht rond m'n ogen in de tussentijd nogal opgezwollen en tio Quique stelt voor om naar het ziekenhuis te gaan. Omdat mijn situatie niet verbetert stem ik hiermee in en rijden we met gezwinde spoed naar de eerste hulp. Aangekomen in het ziekenhuis mag ik meteen gaan zitten en wordt aangekondigd dat het met een paar injecties binnen een half uur over zal zijn. Dit lijkt me sterk, maar het zou wel erg fijn zijn.

ziekenhuis LimaEerst krijg ik een injectie in mijn arm, gevolgd door een zuurstofmasker, wat al veel verlichting geeft. Vervolgens wordt het wat pijnlijker omdat ik intraveneus een flinke hoeveelheid vloeistof toegediend krijg, wederom gevolgd door een zuurstofmasker. Een kwartiertje later voel ik me alweer een stuk beter, maar het ergste moet nog komen. Als afsluiter krijg ik een zeer pijnlijke injectie in m'n bil die in een paar minuten door m'n hele been trekt. Erg pijnlijk, maar gelukkig snel weer over. Het is ongelofelijk maar waar, in een half uur voel ik me weer helemaal goed. Ik krijg een recept voor drie soorten pillen die ik de komende vijf dagen moet slikken en het advies het de komende drie dagen rustig aan te doen.

Na de pillen opgehaald te hebben eten we nog een ijsje en gaan dan gauw slapen, want morgen moeten we heel erg vroeg op.


Zaterdag 14-5-2005 (Lima/Chiclayo/Lambayeque/Pucara/Jaén)

Als om half vier de wekker al gaat komen we maar met moeite ons bed uit. In een half uur maken we ons gereed voor vertrek, waarna Mauro, een collega van tio Quique, ons in een half uur naar het vliegveld brengt. Om half zeven stijgen we op en vliegen in een uur naar Chiclayo in het noorden van Peru. In Chiclayo nemen we een taxi naar het plaatselijke jezuïetenklooster, waar de jeep die we voor de reis naar het regenwoud gaan gebruiken al klaar staat. De laadbak van de jeep is volgestapeld met dozen gevuld met kleding en onderwijsattributen voor diverse scholen. Over de dozen ligt een zeil tegen de regen en een stevig net houdt de boel bij elkaar. Omdat één kant van de achterbank ingenomen wordt door onze bagage is er nog precies genoeg zitruimte voor ons drieën.

jeep bij musem Bruning in LambayequeWe rijden eerst naar het nabijgelegen Lambayeque en gaan op zoek naar het museum van de Señor de Sipán. Uiteindelijk belanden we in het Museo Nacional Brüning de Lambayeque. Na enige verwondering dat het museum niet open is, beseffen we ons ineens dat nog voor negen uur is... Gelukkig hoeven we niet lang te wachten en de in de haast opgetrommelde gids geeft ons een (iets te) uitgebreide rondleiding. Dit museum staat, evenals de meeste andere nationale musea die we bezocht hebben, wederom vol met keramiek van de verschillende Inca-culturen. Ook zien we hier een mooi voorbeeld van quipu, een door de Inca's ontwikkeld binair rekensysteem van touwtjes met knopen. Helaas zijn we wat betreft de heer van Sipán verkeerd voorgelicht, want zijn overblijfselen zijn enkele jaren geleden ondergebracht in een nieuw museum een stukje verderop. Omdat we vandaag geen tijd meer hebben om ook dit museum nog te bezoeken, stellen we dat uit tot onze terugkeer aan het eind van de week.

Voordat we tegen elf uur aan de echte reis beginnen slaan we eerst vier grote flessen water en wat fruit in. Via enkele dorpjes en langs de piramides van Túcume rijden we naar de voet van de Andes. Om over de Andes heen te komen moeten we van zeeniveau naar ruim twee kilometer klimmen. Daar de zwaar beladen jeep hier redelijk wat moeite mee heeft stoppen we enkele keren om de motor af te laten koelen. Opvallend zijn de borden die we steeds langs de weg zien staan met allerlei verschillende aansporingen om goed om te gaan met het milieu. Uiteindelijk arriveren we om half twee op het hoogste punt van de pas: Abra Porcuya op 2137 meter boven zeeniveau. Na een korte stop in de mist dalen we in anderhalf uur af naar het nonnenklooster in het dorpje Pucara.

Hoewel onze komst aangekondigd is, hebben we zo lang over het passeren van de Andes gedaan, dat de zusters even denken dat we niet meer komen. Nu we alsnog aankomen voor een late lunch wordt gauw de rijst opgewarmd en een een grote omelet gebakken. We laten ons het goed smaken, krijgen ook nog een dessert en daarna vers fruit uit de tuin van het klooster. Na het eten worden we rondgeleid door de tuin van het klooster waar we naast de ficus van zo'n zeven meter onder andere de mango-, papaya- en grapefruitbomen bewonderen.

moto-taxi in JaénTegen half vijf vertrekken we weer en rijden tussen de uitlopers van de Andes en de rijstvelden door in twee uur naar Jaén, waar tio Quique in hotel El Bosque een kamer voor ons gereserveerd heeft. Zelf slaapt hij bij bevriende jezuïeten. In Jaén is het ruim 30 graden, maar tot onze grote verrassing is de kamer uitgerust met een airco! Na een frisse douche genomen en schone kleren aangetrokken te hebben gaan we op zoek naar een restaurant. Het restaurant dat tio Quique op het oog heeft is echter gereserveerd voor een traditioneel gevierde 15e verjaardag. Dus houden we opnieuw een zogenaamde mototaxi aan – een brommer met 3 wielen die als taxi gebruikt wordt – en vragen de bestuurder om ons naar een ander restaurant te brengen. Na een ruige rit over wat onverharde straten worden we afgezet bij een soort bar waar we weliswaar bier kunnen drinken maar waar niets te eten is. Uiteindelijk laten we ons maar weer terugbrengen naar het hotel, waar we prima diner voorgeschoteld krijgen.


Zondag 15-5-2005 (Jaén/Chiriaco/Imacita/Yamakai-entsa)

Na vannacht lekker uitgerust te zijn vervolgen we onze reis naar het regenwoud om negen uur. We hoeven vandaag nog maar 120 kilometer, maar zullen daar ruim zeven uur over doen. Aanvankelijk is de weg nog verhard en schieten we lekker op, maar na zo'n anderhalf uur nemen we de afslag richting Chiriaco om de rest van de dag over zand- en modderwegen door kuilen en beekjes te hobbelen. Het is erg mooi om te zien hoe de begroeiing, die eerst nog laag is, steeds hoger en voller wordt.rivieren Marañón, Chinchipe en Utcubamba

Tegen elf uur komen wij bij het punt waar de rivieren Marañón, Chinchipe en Utcubamba samenkomen. Omdat een van de rivieren veel meer zand meevoert dan een andere, is na de samenvloeiing het onderscheid toch nog goed te zien. Tegen twaalf uur houden we een korte stop in het plaatsje Muyo, waar we in een restaurantje wat drinken. Weer onderweg passeren we een ander plaatsje waar het een drukte van belang is omdat er markt gehouden wordt. Terwijl de wegcondities verslechteren en we enkele vrachtwagencombinaties passeren die vastgelopen zijn in de modder, zien we in de verte de regenbuien voorbij trekken. Zelf houden we het gelukkig vooralsnog droog.
guaro Chiriaco
Na al enige tijd langs de rivier Chiriaco gereden te hebben arriveren we om drie uur in het gelijknamige plaatsje. Hier spoort tio Quique eerst padre Alfonso op, een van de leraren van de school in Yamakai-entsa – ons reisdoel – die elke zondag in Chiriaco een kerkdienst leidt. In het kerkje krijgen we van wat aanwezigen een glaasje vruchtensap aangelengd met water. Nadat men ons ervan verzekerd heeft dat het water gezuiverd en gekookt is, drinken we het verfrissende en smakelijke drankje op. Ondertussen parkeert tio Quique de jeep in een garage naast de kerk, waarna we via een verlaten houtzagerij naar de rivier lopen en met een zogenaamde guaro naar de overkant gebracht worden. Een guaro – ook wel Boeing 707 genoemd – is een soort kooi die op wieltjes aan een dubbele kabelbaan hangt en door twee vrijwilligers die over de kabels lopen naar de overkant van de rivier geduwd wordt.

Ook hier arriveren we weer later dan we verwacht worden en ook hier krijgen we rijst en omelet te eten. Na het eten worden we rondgeleid over het complex, een internaat voor zo'n 300 meisjes tussen de 8 en 12 jaar, opgericht door de stichting Fé y Alegría. Na diverse lokalen en pleinen bekeken te hebben verbazen we ons over de slaapzalen die volgestouwd zijn met stapelbedden. De smalle bedjes zijn voorzien van een naam en de onderste vaak van twee namen: door gebrek aan ruimte worden de bedden vaak gedeeld. Op de houten bedden liggen alleen lakens, geen matrassen want die hebben ze thuis ook niet.

pequepeque rio Chriaco Na afscheid genomen te hebben van de zusters moeten we weer naar de andere kant van de rivier. Dit keer stappen we echter niet in de guaro, maar in een pequepeque – een smal houten bootje met een motortje dat klinkt zoals de naam van de boot: pequepequepequepeque. Na de jeep weer opgehaald te hebben, rijdt padre Alfonso een stukje met ons mee, waarna we onze weg richting de eindbestemming vervolgen. Het is inmiddels half zes geweest en tio Quique wil graag voor donker in Imacita zijn. Aangezien de zon hier om kwart over zes onder gaat en het om zeven uur helemaal donker is, rijdt hij flink door, wat hem de bijnaam Juan Padre Montoya oplevert.

Ondanks de eindsprint is het toch donker tegen de tijd dat we aankomen in Imacita, alwaar alleen een tochtje over de rivier Marañón ons nog scheidt van de eindbestemming. De pequepeque die ons zou opwachten om ons naar Yamakai-entsa te brengen is helaas nog niet gesignaleerd. Terwijl tio Quique een parkeerplek zoekt voor de jeep, komen diverse dorpsbewoners ons vertellen dat er in verband met gebrek aan (maan)licht vanavond toch echt geen pequepeque meer van Imacita naar Yamakai-entsa zal gaan. Teruggekomen van het parkeren van de jeep laat tio Quique zich niet ontmoedigen door dit bericht en besluit hij contact op te laten nemen met Yamakai-entsa. Aangezien er geen telefoonlijn tussen de twee plaatsen ligt, wordt er van een alternatieve communicatievorm gebruik gemaakt: met een grote megafoon wordt Yamakai-entsa opgeroepen om toch vooral een pequepeque te sturen om padre Juan en zijn gevolg op te komen halen.

Nu we even rustig zitten valt ons eigenlijk pas goed op hoe warm en vochtig het hier is, je raakt al bezweet zonder ook maar iets te doen. Na ongeveer een uur gewacht te hebben en ons verwonderd te hebben over de mensen die buiten de buurtwinkel op stoelen zitten te kijken naar de tv die binnen staat, menen we in de verte het geluid van een motortje te horen. En inderdaad, enige tijd later meert de pequepeque aan en wordt onze bagage in de boot gelegd, waarna we instappen en in tien minuten bij het schijnsel van wat zaklampen naar onze eindbestemming gevaren worden.

klamboesAangekomen in Yamakai-entsa worden we verwelkomd door Jorge, die ons – waar hebben we dat vaker gehoord – veel vroeger had verwacht en al bijna dacht dat we niet meer zouden komen. Als welkosmtdrank heeft hij een pisco sour voor ons bereid, gevolgd door heerlijke gevulde paprika's uit de oven. Dat gaat natuurlijk in tegen alle verwachtingen die we hadden over de week in het regenwoud en we zijn dan ook aangenaam verrast. Jorge is de jongste van drie paters die de leiding hebben over de plaatselijke school: Colegio Valentín Salegui. Hij vertelt enthousiast over zijn belevenissen en laat trots de tijgerschedel zien die hij ooit eens gevonden heeft. Ondertussen horen we op de achtergrond de dreunende geluiden van de griezelfilm waar de leerlingen mee vermaakt worden.

Nadat Jorge ons naar het gastenverblijf gebracht heeft, uitgelegd heeft dat het toilet doorgespoeld wordt met een emmer die je van tevoren vult met water uit de regenton en dat de douche werkt op (onverwarmd) regenwater, hangen we met veel moeite – en dus zweet – de klamboes op. Als we eindelijk in bed liggen horen we eigenlijk pas wat een oorverdovend kabaal de krekels maken. Ondanks de herrie kost het geen moeite om in slaap te komen.


Maandag 16-5-2005 (Yamakai-entsa)

Nadat we de regenwater-douche hebben uitgeprobeerd klimmen we een stukje omhoog van het 'gastenverblijf' naar de algemene ruimte van de paters. Als ontbijt eten we broodjes met 'zelfgemaakte' jam en honing van de 'eigen' bijen. Het water voor thee, koffie, limonade of om zo te drinken komt uit een beekje en wordt daarna gefilterd en gekookt. Onderzoek heeft uitgewezen dat er na filtering minder verontreiniging in zit dan in het kraanwater van Peru, maar de meeste Peruanen koken het kraanwater dan ook voor consumptie.

Na het ontbijt ontmoeten we padre Alfonso weer – met hem hadden we in Chiriaco al kennis gemaakt – en stellen ons voor aan de derde pater: padre Carlos. Jorge is inmiddels vertrokken naar een andere locatie en hem zien we de rest van ons verblijf dan ook niet meer terug. De school – eigenlijk internaat – herbergt 150 jongens van ongeveer 10 tot 15 jaar oud. De leerlingen zijn afkomstig van leefgemeenschappen in de omgeving, hoewel dat hier een relatief begrip is: sommigen moeten enkele dagen reizen, over de rivier dan wel door de jungle, om thuis te komen. De meesten blijven dan ook het hele lesjaar op de school, waarna ze een paar maanden vakantie hebben die dan thuis doorgebracht worden. De school heeft een enorm terrein tot z'n beschikking met klaslokalen, een computerruimte (!), werkplaatsen, opslagruimtes, huizen voor de leraren, een eetzaal, een slaapzaal, een keuken met houtovens, een kapel, een waterkrachtcentrale, twee voetbalvelden, hokken voor varkens, eenden en cavia's, een veldje met koeien, een grote visvijver, plantages voor bananen, citroenen, pepers en allerlei andere soorten fruit en groente.

computerlokaalOm een beetje bekend te worden met het terrein maken we met tio Quique een wandelingetje waarbij we via de eetzaal eerst in de keuken terecht komen. Het eten wordt door de jongere leerlingen verzorgd en er zijn er dan ook een paar bezig met het, op houtvuur, koken van een paar grote ketels met rijst en bananen. Na een kort praatje lopen we door in de richting van de klaslokalen, maar belanden daarbij eerst in de computerruimte. Hier staan zo'n 30 computers waarop les gegeven wordt. Door de hoge vochtigheidsgraad gaan ze wel wat sneller stuk, maar meestal kunnen ze het zelf wel weer repareren. Het verrassendste aspect vinden we dat we midden in de jungle zitten, maar dat er dag en nacht 220 Volt beschikbaar is en dat we niet eens zuinig hoeven te doen met energie! De stroom wordt namelijk opgewekt door een waterkrachtcentrale waar de school sinds drie jaar over beschikt. Voor die tijd maakte men gebruik van een olie verslindende generator die enorm stonk en ook nog eens een vreselijk kabaal maakte. De generator stond alleen overdag aan, dus 's avonds en 's nachts was je aangewezen op het gebruik van zaklantaarns.4e klas

Na een kijkje genomen te hebben in de goed uitgeruste bibliotheek lopen we langs de lerarenruimte door naar de klaslokalen, waar de lessen onderbroken worden om even kennis te maken. In de klas van padre Alfonso hangt een wereldkaart aan het bord en na ons voorgesteld te hebben vraagt hij de leerlingen of ze weten waar Nederland ligt. Het eerste antwoord is Azië, maar de tweede leerling noemt zowaar Europa, al weten ze vervolgens niet precies waar Europa eigenlijk ligt. Hoewel de leerlingen onderwezen worden in het Castiliaans (Spaans) is dat niet hun eerste taal. Het lijkt een van hen dan ook aardig om ons een vraag te stellen in de eigen taal die wij dan, na vertaling, moeten beantwoorden in het Nederlands.

Na deze culturele uitwisseling vervolgen we onze wandeling langs enkele woonhuizen voor leraren en de visvijver en komen uiteindelijk uit bij de waterkrachtcentrale. Helaas is de deur op slot en heeft tio Quique de sleutel niet bij zich, dus kunnen we vooralsnog binnen geen kijkje nemen. Omdat het de vorige dag nogal geregend heeft is het pad dat via de bananenplantage naar het stuwmeertje leidt nogal glibberig geworden en keren we na enkele onbedoelde glijpartijen terug naar de algemene ruimte. Heel even doet het regenwoud z'n naam eer aan, want voor het eerst (en het laatst) deze vakantie vallen er wat spetters.

kapelAls we aankomen bij de algemene ruimte zijn de lessen inmiddels afgelopen en willen de paters ons natuurlijk eerst de kapel laten zien. Vanuit de wat hoger gelegen kapel heb je een prachtig uitzicht op het regenwoud. In de kapel staan allemaal apart vormgegeven krukken. Men vertelt ons dat de leerlingen deze naar een oud gebruik zelf maken en dat het abstracte schildpadden voorstellen. Buiten de kapel hangt een tuntui – een traditioneel slaginstrument – waarmee een ver dragend geluid gemaakt kan worden. Helaas worden dergelijke instrumenten bijna niet meer gemaakt en gaat de benodigde kennis daartoe dan ook langzaam verloren.

Het is inmiddels half één en dat is het vaste tijdstip waarop hier geluncht wordt. De lunch, die voor de paters en voor ons klaargemaakt wordt door de huishoudster, bestaat uit een bord soep gevolgd door een bord rijst met kippenvlees en een sausje. Daarna komt de fruitschaal op tafel met bekende en onbekende vruchten, uiteraard proberen we de onbekende.

Na de lunch worden we vergezeld door padre Carlos en door Francisco, een externe adviseur die elke maand een paar dagen langs komt om te inventariseren hoe het gaat met de dieren en gewassen. Eerst lopen we naar de chanchos (varkens), waarvan ze hier zowel de roze (Yorkshire) variant hebben, zoals wij die kennen, als bruine en zelfs gevlekte. Ze worden net gevoerd en krijgen carambolas en bladeren van bananenbomen te eten. Overigens fokken ze varkens niet alleen om zelf op te eten, maar verkopen ze deze ook door, waarna voor de opbrengst dan onder andere weer rijst gekocht wordt. Over rijst gesproken: padre Carlos liet me op een gegeven moment een grote kluis zien, waar na opening alleen maar zakken rijst in bleken te liggen. De reden hiervoor is dat als ze de rijst elders bewaren, het opgegeten wordt door de meest uiteenlopende beesten. Via de eendenkooien lopen we door naar de cuyes (cavia's), welke wel bedoeld zijn om op te eten. Het gaat niet zo goed met de cavia's, ze planten zich namelijk nauwelijks voort. Volgens Francisco komt dat doordat het te warm is, hij adviseert dan ook een ventilator neer te zetten.waterkrachtcentrale

We vervolgen de rondleiding via onder andere de visvijver en de peper- en cacaoplantages, waarna we wederom uitkomen bij de waterkrachtcentrale. Dit keer is de sleutel er wel en kunnen we de centrale van binnen bekijken. In de drie jaar dat de centrale nu in bedrijf is, is er nog nooit een probleem geweest en heeft de centrale 24 uur per dag en 7 dagen per week gedraaid. In de centrale hebben we onze eerste confrontatie met een isula. Dat is een enorme mier (2 tot 3 cm lang) waarmee elk contact vermeden dient te worden omdat een steek – deze mier steekt met zijn achterlijf – vreselijk pijnlijk is en lelijke ontstekingen kan veroorzaken.

Na de excursie lopen we weer terug naar de algemene ruimte, waar om vijf uur de radiozender aangezet wordt. Omdat hier geen telefoon is en de internetverbinding via satelliet volgende maand pas verwezenlijkt wordt, is dat tot nog toe de enige manier om contact met de buitenwereld te houden. Er zijn vaste afspraken over de tijden waarop contact gezocht wordt met de diverse zenders. Eerst zijn om vijf uur de leerlingen aan de beurt die contact zoeken met vrienden en familie. Daarna wordt tussen zes uur en half zeven door de paters contact gemaakt met onder andere Santa Maria de Nieva, Chiriaco en Lima. Vervolgens gaan we eten waartoe de restanten van de lunch opgewarmd worden. Wat er dan nog overblijft is voor de drie honden en de kat. Bij het eten wordt wijn gedronken – uit pakken – wat mij wel verstandig lijkt: wat alcohol om kwaadwillige bacteriën te doden kan natuurlijk geen kwaad en het smaakt ook nog eens goed.

's Avonds is er niet veel meer te doen, maar dat geeft niet want door de combinatie van de hitte, de vochtigheid en de excursies hebben we toch niet zoveel energie meer. Na een poging nog wat te lezen zoeken we al gauw de veiligheid van de klamboes op en vallen in slaap.


Dinsdag 17-5-2005 (Yamakai-entsa)

bladsnijdersmierenHelaas is het vanaf vandaag Mari haar beurt om problemen met de darmen te hebben, het is overigens niet helemaal duidelijk of dit van het eten of het water komt of van de malariapillen. Met tio Quique gaat het ook niet zo goed want hij heeft nogal last van een beginnende bronchitis. Het komt erop neer dat ik voor de activiteiten van vandaag ben aangewezen op mezelf en de 'locals'.

In eerste instantie besluit ik om in de omgeving van de algemene ruimte eens te speuren naar lokale fauna. Al gauw vind ik een lang spoor met bladsnijdersmieren. Deze mieren snijden stukken van blaadjes die vaak vele malen groter zijn dan zijzelf en vervoeren deze vervolgens naar het nest. Op sommige van de blaadjes zit ook nog een klein miertje, naar verluidt van dezelfde soort, maar hun functie is onduidelijk. Bij een niet meer in gebruik zijnd gebouwtje vind ik een termietentunnel. Als ik weer doorloop lijken er wat dorre bladeren van de houten muur te vallen, maar bij nadere inspectie blijken het enorme motten te zijn die zowel in uiterlijk als in gedrag dorre bladeren imiteren. Ook zie ik af en toe hele grote blauwe vlinders vliegen met veel 'ogen' op hun vleugels. Helaas zijn deze vlinders heel moeilijk benaderbaar en als dat dan eindelijk lukt blijkt dat ze hun vleugels gesloten houden als ze stil zitten. Na ook nog een groen-zwart gestreepte kikker te hebben gespot, ga ik terug naar de algemene ruimte.

Hier aangekomen vraagt padre Carlos of ik het leuk vind om met Aldo mee te gaan op zijn ronde. Aldo werkt voor de school en is het 'manusje van alles'. Hij houdt in de gaten dat er geen storingen optreden in de toevoer van water en stroom, voert reparaties uit aan gebouwen en infrastructuur, transporteert goederen voor de school over de rivier en verricht nog allerlei andere hand- en spandiensten. Hoewel Aldo geen Engels spreekt en ik nog niet erg vertrouw op mijn taalvaardigheid in het Castiliaans, lijkt me dit toch erg interessant. Ik loop met Carlos naar de lerarenruimte waar hij me voorstelt aan Aldo en we samen op pad gaan. Het is even wennen aan zijn manier van praten en het blijft veel zoeken naar woorden, maar het lukt beter dan ik had verwacht. Aldo is nog nooit verder dan Chiclayo geweest en is vooral geïnteresseerd in de prijzen van allerlei artikelen in Nederland, zoals een kilo vlees, een fles bier, mijn fotocamera en ga zo maar door. Ik probeer hem duidelijk te maken dat het erg moeilijk te vergelijken is en dat je voor het bedrag waarvoor je in Nederland alleen maar in een taxi mag gaan zitten – het starttarief – in Peru al bijna 10 ritten kunt maken.

We komen uiteindelijk uit bij het stuwmeertje voor de waterkrachtcentrale waar de aanvoer van nieuw water minder is dan het zou moeten zijn. Aldo denkt dat de water-inlaten in de hoger gelegen beek verstopt zijn met bladeren en er iemand naar boven zal moeten om ze schoon te maken. Omdat het al tegen twaalf uur loopt is daar nu geen tijd meer voor en zal het na de lunch moeten gebeuren.

De lunch bestaat vandaag uit soep gevolgd door aardappelen met een smakelijke dikke gele saus van een ons onbekende groente. Naast de 'gewone' aardappelen eten we ook cassave (wortel van de yuca), zoete aardappelen (oranje van kleur en ze smaken ook een beetje naar zachtgekookte wortels) en tenslotte sachapapas ofwel 'nep-aardappelen'. Deze laatste variant is, na gekookt te zijn, voornamelijk wit van kleur met hier en daar paarse verkleuringen, ziet er al met al niet zo smakelijk uit en is dat ook niet echt.

beek t.b.v. waterkrachtcentraleCarlos heeft geregeld dat ik mee kan naar de beek om de water-inlaten schoon te maken, dus om kwart over twee loop ik naar de lerarenruimte. Aanvankelijk zou ik met Aldo naar de beek gaan, maar er is iets tussendoor gekomen, waardoor hij niet kan. In zijn plaats gaat Velardi, een leerling uit de hoogste klas. Met de ervaring van vanmorgen kom ik al wat beter uit m'n woorden en denk er, in tegenstelling tot vanmorgen, zowaar aan onderweg ook wat foto's te maken. Na een mooie wandeling door het regenwoud arriveren we bij de beek en zien dat de water-inlaten inderdaad vol zitten met grote bladeren. Samen halen we de bladeren waar we zo bij kunnen eruit. Als ik denk dat we klaar zijn en een stukje langs en door de beek loop om wat vlinders te fotograferen, springt Velardi tot z'n middel in het water om daar nog meer inlaten van bladeren te ontdoen. Op de terugweg zien we, naast prachtige uitzichten, nog een isula, een vervaarlijk uitziende rups, een groen-geel-zwarte krekel en een specht.

In de namiddag is het redelijk helder dus padre Alfonso raadt me aan tegen zessen naar het strandje bij de rivier te lopen om een mooie zonsondergang te kunnen zien. Dat hoef je mij geen twee keer te zeggen, dus om zes uur sta ik op het strandje waar ik de lucht alle kleuren tussen oranje, rood, roze en paars zie aannemen. Na dit indrukwekkende schouwspel is het alweer tijd voor het avondeten dat wederom bestaat uit het restant van de lunch.

isula op toetsenbord Na het eten stelt Alfonso voor om op de computer foto's te bekijken die hij in het verleden in Yamakai-entsa en Chiriaco gemaakt heeft. Ik neem plaats achter het toetsenbord en bij de eerste de beste aanslag loopt er doodleuk een isula het toetsenbord op! Ik ren weg naar de algemene ruimte, niet uit angst zoals men even denkt, maar om m'n camera te pakken en foto's te kunnen maken met wat referentiemateriaal erbij. Als ik klaar ben met fotograferen pakt padre Carlos de mier met een tang en laat zien hoe hij met z'n achterlijf continu de tang probeert te steken.

Na de opwinding bekijk ik alsnog de foto's en zie daarop onder andere dat hoewel de kinderen niet verplicht zijn elke zondag naar de kapel te gaan, wel van ze verwacht wordt dat ze de katholieke feestdagen vieren. Daarbij worden dan wel de lokale gewoontes gerespecteerd en kan het dus gebeuren dat in de kerststal Jozef en Maria traditioneel Indiaans gekleed zijn. Ook wordt tijdens elk feest op traditionele wijze muziek gemaakt en gedanst. Het grappige hieraan is dat in de tijd van de Inca's de Spanjaarden het katholieke geloof ook overgoten met een traditioneel sausje in de hoop het zo wat acceptabeler te maken, blijkbaar is er wat dat betreft niet veel veranderd.

Woensdag 18-5-2005 (Yamakai-entsa)

Voor vandaag staat een boottochtje over de rivier Marañón op het programma. Helaas voelt Mari zich nog niet goed genoeg om mee te gaan, dus loop ik na het ontbijt met tio Quique naar de aanlegplaats. We gaan met de grootste boot die de school rijk is en onze kapitein heet Jaco. De tocht begint stroomafwaarts, dus we gaan redelijk snel. We passeren enkele leefgemeenschappen die in het algemeen herkenbaar zijn aan de aanwezigheid van een concentratie bananenbomen en waar gemiddeld zo'n 20 tot 30 gezinnen wonen. Vanaf het water is goed te zien hoe ondoordringbaar het regenwoud is.

rio MarañónNa ongeveer een half uur keert Jaco de boot. Dat lijkt misschien wat snel, maar stroomopwaarts ga je ongeveer vier keer zo langzaam, dus we zijn nog wel even onderweg. Al gauw blijkt dat de boot niet genoeg diepgang heeft om tegen de stroming in te varen, dus we stoppen bij een strandje waar veel grote stenen liggen. Na de boot hiermee verzwaard te hebben en het schieten van wat mooie plaatjes gaan we weer verder. Het valt tio Quique op dat er in vergelijking met andere jaren dat hij hier was erg weinig vogels zijn. Af en toe zien we wat dwergpapagaaitjes vliegen, maar daar blijft het wel zo'n beetje bij. Wat ook spijtig is is dat er relatief veel vuil langs drijft. Helaas blijkt dat de inwoners niet al te veel gevolg geven aan de aansporingen van de overheid tot een goede omgang met het milieu en hun rotzooi gewoon in de rivier gooien.

Omdat we nu veel langzamer gaan en meer langs de kant varen kunnen we alles goed bekijken. Zo valt me ineens op dat er diverse bomen langs het water staan met lianen eraan, dat is wat je van een regenwoud verwacht! Ook komen we nu regelmatig andere boten tegen. Als ervaren bootsman stuurt Jaco de boot nu en dan naar de andere kant van de rivier indien de stroming dat vereist en na tweeënhalf uur leggen we weer aan in Yamakai-entsa.

De lunch bestaat vandaag uit soep, zoals gewoonlijk, en rijst met reepjes rundvlees. Dat is wel een aardige introductie op m'n volgende onderneming: ik ga mee met een paar van de oudere leerlingen die de koeien verzorgen. Ze leggen me uit dat de jongere leerlingen leren omgaan met de kleinere (jongere) planten en dieren – eenden, cavia's – en de oudere met de grotere gewassen en dieren – varkens, koeien. Aangekomen bij  het hellende veld met een grassoort van een meter hoog, blijkt dat de stier – Fernandez – losgebroken is. Met de grootste omzichtigheid wordt 'ie weer gevangen en aan een boom gebonden die één van de jongens inmiddels met z'n machete kaalgekapt heeft. Op de school (ook op de meisjesschool in Chiriaco) heeft iedere leerling z'n eigen machete. Vooral in het begin was dat even wennen want die dingen zijn vlijmscherp en ze lopen er continu mee rond.

vogelspin en koraalslangNadat Fernandez weer vast gezet is worden de overige vier koeien verplaatst naar een plekje met vers gras en worden ze voorzien van een portie zout. De koeien worden trouwens niet gemolken, maar worden grootgebracht om bij speciale gelegenheden geslacht en opgegeten te worden. Ondertussen trekken in de verte wat onweerswolken voorbij, maar zelf houden we het droog.

Op de terugweg komen we twee nogal opgewonden leerlingen tegen. Het blijkt dat ze tijdens het werk een vogelspin en een koraalslang gevangen hebben. De vogelspin leeft nog, maar de slang was gevaarlijk en hebben ze een doodslag gegeven. Ze hebben beide dieren bij zich en het is de bedoeling dat ik er een foto van maak. Als ik terug in de algemene ruimte deze laatste foto laat zien, wordt de jongen met de slang weer opgetrommeld en moeten padre Alfonso en ik ook op de foto terwijl we de slang vasthouden. Omdat we nu toch bezig zijn zet Alfonso een groepje jongere leerlingen op de foto, terwijl ik, tot grote hilariteit van de jongens, met slechts slippers aan m'n voeten in een mierennest ga staan en van alle kanten gebeten wordt.
onweerswolken met regenboogje
Het lijkt erop dat ons vandaag weer een mooie zonsondergang te wachten staat, dus ik loop samen met Mari die zich al wat beter begint te voelen, naar het strandje waar we niet teleurgesteld worden. Op het strandje komen we ook weer een isula tegen die ons aanvankelijk steeds achterna loopt. Op een gegeven moment loopt 'ie het water in, zwemt een stukje om even verderop op een steen te klimmen en laat ons verder met rust.

Het is een heldere nacht, dus ik maak nog wat foto's van het zuiderkruis en omringende sterrenbeelden. Het lijkt me ook wel leuk om wat foto's met vuurvliegjes te maken, maar die laten zich vannacht helaas niet zien. We gaan vroeg naar bed want morgen hebben we een vermoeiende reis voor de boeg.


Donderdag 19-5-2005 (Yamakai-entsa/Imacita/Jaén)

pequepeque, rio Marañón, ImacitaVandaag beginnen we de reis terug naar Haarlem die in totaal zo'n vier dagen in beslag zal nemen. Na afscheid genomen te hebben van padre Alfonso, zwaait hij ons samen met Lasi, een van de drie huis-hondjes, uit vanaf het strandje en brengt Aldo ons met de pequepeque naar Imacita. We worden vergezeld door Padre Carlos, want die moet even wat inkopen te doen in Imacita. Daar aangekomen halen we zelf ook eerst wat proviand voor de reis op de plaatselijke markt waar naast voedsel, kleding en gereedschap – machetes voor 8 sol – ook (illegale) dvd's te koop zijn van films die nog niet eens in de bioscoop draaien. Nadat tio Quique de jeep weer opgehaald heeft nemen we ook afscheid van padre Carlos en Aldo en begint het hobbelen door de gaten in de weg weer. Gelukkig voelt Mari zich vandaag weer een stuk beter, dus ook voor haar is het goed vol te houden.
tukan met papaya
Als we twee uur onderweg zijn houden we de eerste stop bij een klein benzinestationnetje waar we de olie laten bijvullen. Naast het stationnetje ligt op een vat een papaya waar een toekan van zit te eten. Even later ontwaren we in de boom die ernaast staat nog twee toekans. Hoewel ze niet vast zitten vermoeden we dat het hier tamme exemplaren betreffen. Toch vinden we het leuk om in ieder geval nog wat van deze vogels gezien te hebben.

We vervolgen onze weg over de slechte weg door de diverse dorpjes. Veel meer dan op de heenweg heb ik nu oog voor de bomen en planten langs de weg, waarschijnlijk omdat ik tijdens de afgelopen dagen diverse soorten heb leren te onderscheiden. Ook de verschillende bouwstijlen van de diverse huisjes vallen nu pas op: sommigen zijn gebouwd van ronde bamboe stokken met de bladeren van de aguaje – een soort palm – als dak, anderen bestaan uit opengerolde bamboe en hebben een dak van metalen golfplaten. Langs de weg zien we ook veel achotes, dat zijn struiken met stekelige rode vruchten die gebruikt worden om rode verf van te maken. Als je iemand ziet met rode verf op z'n gezicht, dan is er niets aan de hand, want dat is de gebruikelijke versiering bij feesten; als je echter iemand tegenkomt met rode èn zwarte verf op z'n gezicht, dan moet je oppassen, want dan is er een geschil dat, mogelijk met geweld, opgelost moet worden. Gelukkig zijn we in de praktijk alleen maar mensen met rode verf op hun gezicht tegen gekomen...

Tegen twee uur arriveren we weer in Muyo, langs de rivier Moyuna, en stoppen bij hetzelfde restaurantje – Don Jose – als waar we op de heenweg wat gedronken hadden. Dit keer eten we er wat en kunnen daarbij kiezen uit kip en rund. We bestellen tweemaal kip, eenmaal rund, bier en water. Even later krijgen we een bord met een flinke hoeveelheid rijst, bonen met een sausje erover en twee stukjes kip dan wel rund. Het vlees is niet zo mals, maar het is goed te eten. Als we na het eten de rekening krijgen vragen we ons af hoe de eigenaar van het restaurant ooit rond kan komen: kip 3,75 sol per stuk en rund 5 sol, het bier is met 8 sol nog het duurst (herinner dat 1 euro iets meer dan 4 sol doet).

rivieren Marañón, Chinchipe en UtcubambaNadat we weer een uurtje onderweg zijn rijden we wederom langs het punt waar de rivieren Marañón, Chinchipe en Utcubamba samenvloeien. Omdat het vandaag nogal waait geeft dat mooie zandverstuivingen op de drooggevallen zandbanken tussen de rivieren in. Direct na dit punt rijden we een laagvlakte in waar volgens tio Quique in de oertijd een groot meer moet zijn geweest. De weg wordt langzamerhand weer beter en het duurt niet lang of we rijden over asfalt het laatste stuk naar Jaén, alwaar we in hetzelfde hotel slapen als op de heenweg.

Zo vlak na ons verblijf in het regenwoud vinden we het hier heel erg luxueus, met een betegelde badkamer, een toilet met bril en een warme douche! Na ons opgefrist te hebben drinken we een biertje op het terras naast het zwembad en kijken of we dit keer meer geluk hebben bij het restaurantje waar we op de heenweg niet terecht konden vanwege een feestje. Dat hebben we en onder begeleiding van hits uit de jaren '70 en '80 op de televisie eten we vanavond vis. Daarna nemen we de mototaxi terug naar het hotel en slapen heerlijk in onze gekoelde kamer.


Vrijdag 20-5-2005 (Jaén/Lambayeque/Chiclayo)

reparatie jeepOm acht uur schuift tio Quique aan bij het ontbijt, zelf heeft 'ie de nacht weer doorgebracht bij de bevriende jezuïeten. Bij een controle van de jeep heeft 'ie ontdekt dat er gisteren bij het bijvullen van de olie een stukje van de peilstok is afgebroken. Omdat dit stukje in het oliereservoir is gevallen is hij bang dat dat een probleem op zou kunnen leveren, bovendien is het nu niet mogelijk om de olie te peilen. Om half negen staan we dus in een werkplaats – garage kun je het niet noemen – en wordt door twee jongens het reservoir onder de auto vandaan geschroefd. Het gaat allemaal niet zo snel en na een kleine twee uur zit de bak weer onder de jeep en is het afgebroken stukje weer aan de peilstok gesoldeerd. De rekening bedraagt 25 sol (±6 euro). Tijdens het werk aan de jeep zat een paar meter verderop een groep andere monteurs te kaarten om veel hogere bedragen...

Om tien uur kunnen we dan toch vertrekken, maar het duurt niet lang of we lopen vast in een klein dorpje. Er is markt hier en de gewoonte is om alle spullen uit te stallen op de weg, waar het verkeer ook nog overheen moet. In feite is er één rijstrook over voor het verkeer van beide kanten. Na een hoop getoeter en geschreeuw – niet door ons, maar wel door de andere chauffeurs – komen we uiteindelijk los en kunnen onze rit naar de Andes voortzetten.

rups in de AndesBijna bij het hoogste punt van de Andes – we zien de wolkenslierten vlak boven ons de bergen in kruipen – stoppen we even om wat Chirimoyas te eten. Chirimoyas zijn grote groene vruchten met zacht, wit vlees rond grote zwarte pitten; ze hebben een aparte, zoete smaak en geven vast heel veel energie. Op een muurtje van een verlaten huisje dat vlakbij staat vind ik een prachtige rups met vele cactus-achtige stekels op z'n lijf. Na de rups bewonderd en gefotografeerd te hebben gaan we weer op weg en passeren al gauw het hoogste punt van de pas, waarna we aan de afdaling beginnen.

Nu we de Andes achter ons gelaten hebben rijden we door een vlak, zanderig landschap met verspreid staande bomen, dat ons een beetje aan een savanne doet denken. Af en toe is de weg over enkele tientallen meters verlaagd om in het regenseizoen de rivieren vrij baan te geven zonder dat de wegen weggespoeld worden. Nu stroomt er op deze plekken gelukkig maar weinig water over de weg, dus we kunnen flink doorrijden. Echter, sinds gistermiddag maakt de motor meer lawaai dan we gewend waren, een beetje alsof de uitlaat stuk is, maar ineens wordt dat geluid veel harder. Bij een korte inspectie in het eerste dorpje dat we tegenkomen blijkt dat de uitlaat bij de motor stukgetrild is. We hoeven niet zo ver meer en omdat het op wat extra herrie na verder geen kwaad kan besluiten we het maar te laten voor wat het is en de jeep achteraf te laten repareren.

Met knallende motor rijden we een uurtje later Lambayeque binnen alwaar we opnieuw op zoek gaan naar het museum Tumbas Reales de Sipan, dat we dit keer gelukkig wel snel vinden. De pech lijkt ons vandaag echter een beetje te achtervolgen, want we mogen het museum niet in omdat de president van Peru er op bezoek is. Al gauw zien we de helikopter met de president erin vertrekken, maar we besluiten om eerst maar even wat te gaan eten. Als we even later terugkomen mogen we dan toch nog naar binnen.

Museo Tumbas Reales de Sipan LambayequeDit museum kent blijkbaar hele strenge veiligheidsmaatregelen want we moeten niet alleen onze rugtassen afgeven, maar mogen zelfs geen mobiele telefoons mee naar binnen nemen. Voordat we naar binnen mogen wordt dit zelfs met een metaaldetector gecontroleerd. Onze gids vertelt trots dat 'ie wel vijf talen spreekt, maar heeft niet door dat z'n Engels vrijwel onverstaanbaar is. Het museum is schitterend vormgegeven en ingericht, dit is veruit het mooiste museum dat we tijdens de hele vakantie gezien hebben. In het museum zijn vele vitrines met gerestaureerde voorwerpen, met name koperen, zilveren en gouden sieraden, die men gevonden heeft in diverse graven van een piramide in het nabijgelegen plaatsje Sipan. Het uitgebreidste graf was van een belangrijk man – El Señor de Sipan, wellicht een koning – en bevatte de mooiste sieraden. Van enkele graven zijn in het museum reconstructies gemaakt en ook zijn er foto's van de opgravingen te zien. Om een indruk te krijgen van hoe alle kleding en sieraden gebruikt werden, is de ruimte waar de rondleiding eindigt ingericht met diverse bewegende poppen, voorzien van de kleding en sieraden zoals men die gevonden heeft in de graven. Het is erg indrukwekkend allemaal.

Na buiten het museum nog wat handwerkwinkeltjes bezocht te hebben, halen we de afgegeven spullen weer op en rijden het laatste stukje van Lambayeque naar Chiclayo. In Chiclayo leveren we de jeep weer af bij het klooster waar we 'm opgehaald hadden. Binnen praten we onder het genot van een cognacje nog wat na over de belevenissen, niet wetende wat ons nog te wachten staat...

Half zeven komen we met een taxi aan bij het vliegveld, maar ter plekke wordt al het verkeer stil gezet en komt met loeiende sirene een ziekenwagen aangereden. Na tien minuten in de taxi gewacht te hebben vragen we aan een politieman wat er gebeurd is en horen dan dat er een rampenoefening plaatsvindt. We halen opgelucht adem en lopen met de bagage naar de wachtende menigte bij de hekken van het vliegveld. Even later mogen we dan toch nog naar binnen en checken in na een half uurtje in de rij gestaan te hebben.

Ons vliegtuig zou om 21:40 vertrekken, maar om half tien wordt gemeld dat er een vertraging van een kwartier is en een kwartier later is dat een half uur geworden. Ondertussen zien we buiten het vliegtuig al staan waarbij de 'motorkap' van een van beide motoren open staat en badend in het licht bestudeerd wordt door diverse technici. Blijkbaar is het een ernstig probleem want om half elf is de vertraging al opgelopen tot vijf kwartier en om elf uur wordt gemeld dat het vliegtuig niet gerepareerd kan worden en dat gewacht wordt op de bevestiging dat er een vervangend vliegtuig uit Lima gestuurd wordt. We waren er al bang voor maar om half twaalf komt dan de officiële bevestiging dat de vlucht afgelast wordt en dat we naar de incheckbalie moeten om de vlucht om te boeken en eventueel de bagage af te halen.

Helaas komen we nogal achterin de rij terecht en al gauw blijkt dat het nog wel even gaat duren. De winkeltjes en barretjes zijn inmiddels gesloten dus we zullen het moeten doen met de paar koekjes die tijdens het wachten uitgedeeld worden. Al gauw loopt er een medewerker van de luchthaven langs de rij en vraagt ons of we een aansluitende vlucht hebben. Als we hier bevestigend op antwoorden vraagt hij naar onze KLM-tickets en neemt deze mee naar achteren.


Zaterdag 21-5-2005 (Chiclayo/Lima)

Na twee uur in de rij gestaan te hebben komen we al aardig in de buurt van de balies. Maar dan gaat het mis: de vrouw die aan de beurt is krijgt blijkbaar te horen dat de vlucht voor de volgende ochtend vol zit en de vlucht daarna pas morgenavond gaat, ook zou er geen plek meer zijn in de hotels in Chiclayo. Nadat ze deze informatie hardop herhaalt zodat alle wachtenden het kunnen horen duurt het niet lang of de zoëven nog keurige rij verandert in een schreeuwende meute. Uiteraard slaat ook ons de schrik om het hart, want als we pas met de avondvlucht naar Lima kunnen, dan kunnen we de aansluiting op onze vlucht naar Nederland wel vergeten.

Samen met tio Quique wurm ik me door de menigte een weg naar een van de balies aan de zijkant, waar we de aandacht van de jongen die onze tickets heeft ingenomen weten te trekken. Hij heeft het blijkbaar erg druk, maar stuurt even later een van de andere medewerkers naar ons toe. Nadat ze onze KLM-tickets opgespoord heeft duurt het niet lang of we krijgen, wonder boven wonder, tickets voor de ochtendvlucht naar Lima en mogen meelopen naar buiten, waar we al gauw opgehaald worden door een taxi die ons naar een groot hotel in de buurt van het vliegveld brengt.

Om half drie liggen we eindelijk in bed. Maar niet voor lang, want we moeten er om half zeven al weer uit. Na het meest uitgebreide ontbijt van de hele vakantie en zonder ook maar een sol te hoeven betalen, nemen we de taxi terug naar het vliegveld, waar we om acht uur weer inchecken. Het vliegtuig van gisteren staat er nog steeds, maar gelukkig vliegen we met een ander toestel naar Lima.

Aangekomen in Lima heeft een collega van tio Quique de auto naar het vliegveld gebracht en rijden we weer naar het hoofdkantoor van Fe y Alegría. Aldaar downloaden we ook de foto's van het regenwoud – de vier Compact Flash kaartjes zijn alweer bijna vol – naar de laptop van tio Quique, waarna we het branden van de eerste back-up-CD starten.

Als laatste maaltijd in Lima voor de lange vlucht naar Nederland besluiten we om geen risico te nemen, dus dit keer geen ceviche maar gegrilde kip met patat.

Terug in het kantoor branden we de tweede back-up-CD, frissen ons nog even op en pakken ook de achtergelaten spullen weer in. Om vijf uur vertrekken we dan voor het tweede deel van onze thuisreis en worden door tio Quique naar het vliegveld gebracht. Na een uurtje in de rij checken we in en drinken met z'n drieën nog even wat op een groot plein met allerlei geschakelde fastfood-restaurants. Vervolgens betalen we de luchthavenbelasting van 57 US-dollar (voor twee personen) en gaan in de rij staan voor de immigratiedienst. Helaas is het strookje van het formulier dat we op heenvlucht hadden gekregen en je geacht wordt bij vertrek weer in te leveren ergens tussen Arequipa en Cusco uit mijn paspoort verdwenen en moet ik voor vier dollar een nieuw formuliertje kopen. Na dit ingevuld te hebben mag ik gelukkig alsnog het land verlaten...

Tegenover de gate is een winkel van de keten Alpaca 111 waar we nog wat artikelen van alpacawol kopen. Bij de gate zelf worden geplastificeerde kaarten uitgedeeld in de kleuren blauw, groen, geel en rood. Het instappen gaat op kleur en kom waarschijnlijk overeen met en positie in het vliegtuig. Dit keer zitten we beter dan op de heenweg: de linker twee stoelen van de rij van drie aan de rechterkant van het vliegtuig.


Zondag 22-5-2005 (Bonaire/Amsterdam/Haarlem)

Na drieënhalf uur zet het vliegtuig de landing op Bonaire in en even denken we dat de thermometer van het vliegtuig stuk is want op twee kilometer hoogte staat er al 18 graden op. Maar het klopt toch echt, hoewel het op Bonaire midden in de nacht is, is het buiten 30 graden. We besluiten toch maar even uit het vliegtuig te gaan, we mogen er straks immers nog ruim negen uur in zitten en drinken wat in de gekoelde wachtruimte.

Tijdens de rest van de vlucht zie ik de helft van Ocean's Twelve, net genoeg om het stukje te zien dat in Haarlem is opgenomen, daarna doezel ik steeds weg en lukt het niet echt meer om de film te volgen. Omdat we hebben gelezen dat de beste manier om een jetlag te voorkomen eruit bestaat zo snel mogelijk weer het ritme van de bestemming aan te nemen, proberen we zo weinig mogelijk te slapen. Op wat hazenslaapjes na lukt dat redelijk.

Na de landing wordt medegedeeld dat er een extra paspoortcontrole zal zijn, dus we gaan weer geruime tijd in de rij staan voor een lang en onzinnig gesprek met een overijverige douanebeambte over hoe lang we in Peru geweest zijn, wat we daar gedaan hebben, wat voor werk we doen en wanneer we weer aan het werk gaan. Daarna moeten we door detectiepoortjes en voordat we de bagagehal in mogen hebben we wederom een paspoortcontrole. De koffers zijn inmiddels al gearriveerd en als we ze gepakt hebben moet alle bagage nogmaals door de scanner. Als dat dan ook zonder problemen gelukt is mogen we eindelijk naar de aankomsthal, waar we gauw de gehuurde telefoon terugbrengen naar het Rentcenter.

Uitgeput stappen we in de Zuidtangent die ons in een half uur weer thuis brengt. Omdat we van de afgelopen 50 uur er slechts vier slapend doorgebracht hebben, kost het nu totaal geen moeite om in te slapen en we hebben daarna dan ook hoegenaamd geen last van jetlag.


Nawoord

Hoewel de eerste week in Peru door de wegblokkades en de daardoor geannuleerde reisonderdelen zwaar tegenviel, hebben de week in Cusco en de Sacred Valley en de aansluitende reis naar het regenwoud de vakantie toch zeer de moeite waard gemaakt.

De door PeruOnline verzorgde rondreis van de eerste twee weken kostte 2000 euro voor 2 personen, exclusief vlucht en exclusief verzekeringen. Ondanks het afsluiten van een annuleringsverzekering van zo'n 200 euro (ook via PeruOnline, bij De Europeesche), heeft de verzekeringsmaatschappij voor de geannuleerde reisonderdelen niets uitgekeerd omdat de voorgevallen incidenten niet onder de dekking zouden vallen. Na het per e-mail melden van alle gebeurtenissen bij PeruOnline en een aansluitend telefoongesprek, hebben we uiteindelijk 153 euro teruggekregen. Dit betrof een vergoeding voor het niet bezoeken van de ruïnes van Pisaq tijdens de busreis naar Ollantaytambo, terwijl dat bij het boeken van de reis wel aangekondigd was; teruggave van de kosten voor de Kapuly lodge omdat deze achteraf gezien niet voldoet aan de eisen van PeruOnline en er meer klachten over binnengekomen waren; en vermoedelijk een restant van het teruggevorderde geld voor de annulering van de trip naar Colca Canyon, maar dat heeft men ons verder niet verteld. Overigens hebben we diverse extra kosten moeten maken om de extra dagen in Arequipa te overbruggen en voor de vlucht naar Cusco, dus per saldo blijven de gemaakte kosten ongeveer gelijk aan het aanvankelijk betaalde bedrag.

Op basis van de opgedane ervaringen zou ik een volgende keer wel twee keer nadenken alvorens een annuleringsverzekering af te sluiten. Ook zou ik kijken of het mogelijk is een dergelijke rondreis wat flexibeler en minder strak te plannen, zodat je bij calamiteiten wat meer uitwijkmogelijkheden hebt. Mogelijk zou ik zelfs overwegen om helemaal niet vooruit te boeken maar alles ter plekke te regelen, op het gevaar af een groot deel van de vakantie bezig te zijn met het zoeken van hotels en het regelen van vervoer en excursies.

Wat de bezochte steden betreft is Lima het minst uitnodigend. Los van het sombere weer is het een vieze, grijze, onaantrekkelijke stad; er zijn wel aardige plekjes, maar voor zo'n grote stad zijn het er niet veel en je moet ze weten te vinden. Arequipa is al wat aantrekkelijker, ook door het lichte vulkaansteen waarvan de meeste gebouwen gemaakt zijn. Als je een beetje je best doet kun je in pakweg drie dagen alle bezienswaardigheden binnen en buiten de stad bezoeken. Cusco is van deze drie steden veruit de mooiste, hoewel de straatverkoop door kinderen er het hardnekkigst is. Ook wat bezienswaardigheden en eetgelegenheden betreft waren we in Cusco het best af.

Peru kent vele nationale musea die allemaal zo'n beetje hetzelfde te bieden hebben: veel keramiek en verder textiel, schilderingen en voorwerpen (met name grafgiften) van de diverse Inca-culturen die Peru rijk geweest is, gecompleteerd door enkele mummies. De nationale musea van Lima en Cusco zijn vrij uitgebreid en geven een goed totaalbeeld. Verder zijn er wat gespecialiseerde musea, waarbij met name Museo Santuarios Andinos in Arequipa met als onderwerp de Inca-mummie Juanita en de Tumbas Reales de Sipan in Lambayeque eruit springen.

De ruïnes in de Sacred Valley zijn allemaal indrukwekkend en een goede gids kan daar zelfs nog wat extra's aan geven. Machu Picchu staat uiteraard onbedreigd bovenaan, maar voor ons komen de ruïnes van Pisaq op de tweede plaats, misschien wel dankzij de uitstekende gids die we daar hadden. Sacsayhuaman en Ollantaytambo sluiten de rij in die volgorde, maar daar hadden we dan ook geen gids tot onze beschikking.

De trip naar het regenwoud tenslotte was een ongelofelijke belevenis. De enige manier om te weten hoe dat is, is door er zelf heen te gaan. De combinatie van de vochtige warmte, de geuren, het geluid en de enorme verscheidenheid aan planten, bomen, insecten (mieren!) en ga zo maar door, is alleen te ervaren door dit aan den lijve te ondervinden. Helaas konden we er slechts drie dagen doorbrengen.


Tips

Algemeen

  • Zorg dat je wat Castiliaans (Spaans) spreekt: de weinige Peruanen die Engels spreken doen dat vaak met een zwaar Spaans accent;
  • Wees voorbereid op tegenslagen, ga ervan uit dat niet alle reisonderdelen doorgang zullen vinden, dan kan het alleen maar meevallen;
  • Zorg dat je middelen tegen darmproblemen bij je hebt: het is niet de vraag óf je er last van krijgt, maar wannéér je er last van krijgt;
  • Als je moeilijk slaapt bij straatgeluid, neem dan oordoppen mee: het kan buiten wel eens wat luidruchtiger zijn dan je gewend bent;
  • Wil je mobiel bereikbaar zijn op je eigen nummer en ondersteunt je telefoon de 1900Mhz-band niet, dan kun je overwegen een telefoon te huren, hoewel dat wel wat prijzig is;
  • Neem een of twee wereldstekkers mee met twee verstelbare platte pootjes (te koop in de doe-het-zelf-winkel), er is overal 220 Volt beschikaar (vaak ook 110 Volt) maar de stopcontacten verschillen nogal eens van type;
  • Ga niet zelf auto rijden: het verkeer in Peru is zeer chaotisch vergeleken met wat wij gewend zijn, bovendien zijn de taxi's spotgoedkoop;
  • Om de straatverkoop het hoofd te bieden kun je het beste zo ongeïnteresseerd mogelijk kijken en/of snel en doelgericht doorlopen;
  • Als je een taxi neemt, schrijf dan het nummerbord op en doe dat zodanig dat de chauffeur het ziet: malafide taxi's zullen snel doorrijden en mocht er wat mis gaan dan is de taxi makkelijk door de politie te traceren;
  • Word je bestolen of laat je iets in een taxi liggen, doe dan dezelfde dag aangifte bij de (toeristen)politie;
  • Kom je een douche tegen met een grote plastic douchekop waarin het water elektrisch verwarmd wordt, zet de kraan dan maar een heel klein beetje open, anders blijft het koud.


  • Lima

  • Bezoek het Museo Nacional de Antropología, Arqueología e Historia en/of het Museo de la Nacion;
  • Als het je interesse heeft, bezoek dan de kathedraal van Lima en de kerken San Pedro en San Francisco;
  • Eet ceviche – maar vermijd schaaldieren die je niet kent! – en drink pisco sour.


  • Arequipa

  • Bezoek het museum Santuarios Andinos over de Inca-mummie Juanita;
  • Geniet van het uitzicht bij Mirador la Rinconada del Alto en eventueel de uitzichttoren van Mirador Sachaca;
  • Breng in de namiddag een bezoek aan het convent Santa Catalina;
  • Eet 's avonds een keer iets – cuy (cavia), als je durft! – op een van de balkons aan de mooi verlichte Plaza de Armas onder begeleiding van live panfluit-muziek.


  • Cusco

  • Drink cocathee tegen hoofdpijn veroorzaakt door de hoogte;
  • Koop de Boleto Turistico, geldig voor diverse kleinere musea in Cusco en voor alle Inca-ruïnes in de Sacred Valley, behalve Machu Picchu;
  • Bezoek de kathedraal (met gids);
  • Bezoek Museo Inka (niet op de Boleto Turistico);
  • Neem een uitgebreide lunch – met alpaca bijvoorbeeld – bij Hotel Monasterio, maar zorg wel dat je genoeg geld of een credit card bij je hebt;
  • Breng in de namiddag een bezoek aan het Inca-complex Sacsayhuaman (wel op de Boleto Turistico).


  • Sacred Valley

  • Als je van markten houd, ga dan naar de zondagsmarkt van Pisaq;
  • Bezoek de Inca-ruïnes van Pisaq (met gids) en geniet van de prachtige uitzichten, maar doe dit in verband met de drukte niet op zondag tenzij je het wilt combineren met een bezoek aan de markt;
  • Pin in Cusco (of uiterlijk Urubamba) genoeg geld voor je hele verblijf in de Sacred Valley – in hotels en restaurants kun je vaak met Visa betalen, maar niet met Mastercard;
  • Zorg dat je zo vroeg mogelijk bij Machu Picchu bent: het is dan nog rustig, je hebt prachtig licht en met wat geluk optrekkende mistflarden; is je conditie goed beklim dan de Huayna Picchu, het uitzicht is adembenemend; is je conditie wat minder of heb je last van je knieën of enkels en wil je toch een leuke wandeling maken, loop dan het pad naar de Inca-brug.


  • Regenwoud

  • Houd er rekening mee dat de reis langer kan duren dan gepland, bijvoorbeeld door slecht weer en het gevolg daarvan voor de wegcondities of door problemen met je vervoermiddel(en);
  • Wees voorbereid op een vochtig en warm klimaat, ook 's nachts, maar dan begeleid door een orkest van krekels;
  • Zorg dat je insectenwerend middel bij je hebt met DEET, we hadden ook een middel zonder DEET bij ons dat even goed zou moeten werken, maar zelf kreeg ik daar een erg branderig gevoel van op m'n huid waar ik bij het DEET-middel geen last van had;
  • Zorg dat je een klamboe en bevestigingsmateriaal bij je hebt;
  • Vergeet je malariatabletten niet;
  • Neem een goede zaklantaarn mee;
  • Zorg voor voldoende geheugenkaartjes c.q. filmrolletjes voor je camera – even downloaden is er meestal niet bij;
  • Maak een wandeling door het regenwoud met de lokale bevolking;
  • Maak een tochtje over een rivier in een pequepeque;
  • Eet fruit vers van de boom;
  • Geniet van de enorme diversiteit in flora en fauna, maar zorg wel dat je iemand bij je hebt die weet welke dieren en planten gevaarlijk zijn en welke niet.



  • Foto's

  • Lima (30-4-2005: kantoor Fe y Alegría, Plaza de Armas, San Pedro, Museo de la Nacion, Hotel Antigua Miraflores);
  • Arequipa (1-5-2005 t/m 6-5-2005: Plaza de Armas, Recoleta, Yanahuara, Sachaca, Mansion del Fundador, Molina de Sabandía, Santa Catalina, Yura, Characato, Misti, Chachani);
  • Cusco (7-5-2005 en 12-5-2005: Plaza de Armas, monument Inca Pachacutec, calle Loreto, Sacsayhuaman);
  • Sacred Valley (8-5-2005 t/m 10-5-2005: Pisaq (markt), ruïnes Ollantaytambo, ruïnes Pisaq, Aguas Calientes);
  • Machu Picchu (11-5-2005: panorama's, rondleiding met gids, beklimming Huayna Picchu, pad naar Inca-brug);
  • Heenreis regenwoud (14-5-2005 en 15-5-2005: Lambayeque, Túcume, Andes, Pucara, Jaén, rio Marañón, school Chiriaco);
  • Yamakai-entsa (16-5-2005 t/m 18-5-2005: school, plantages, dierenverblijven, kapel, waterkrachtcentrale, isula's, rio Marañón, bomen, planten, dieren, zonsondergangen);
  • Terugreis regenwoud (19-5-2005 en 20-5-2005: pequepeque, Imacita, rio Chiriaco, tukans, rio Moyuna, rios Marañón, Chinchipe en Utcubamba, Andes).

  • Na het aanklikken van een link hierboven, krijg je een overzicht met de foto's van het desbetreffende reisonderdeel. In dit overzicht kun je met de pijltjes naar de overzichten van het volgende en vorige reisonderdeel en terug naar deze pagina. Ook kun je een foto in het overzicht aanklikken, dan krijg je een groter formaat te zien (800x600 pixels). In het dan getoonde scherm kun je met de pijltjes naar de volgende en vorige foto en terug naar het overzicht. De originele foto's zijn nog groter (2272x1704 pixels). Mocht je hierin geïnteresseerd zijn of heb je vragen, opmerkingen of aanvullingen, stuur dan een mailtje naar pbmvw@compuserve.com.


    Veel lees- en kijkplezier,
    Peter Boersma